U bent hier

‘Verplicht samenwerkingsverband passend onderwijs geboren uit wantrouwen’

Wat gebeurt er als de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs niet langer wettelijk verplicht worden? Als scholen zelf mogen uitzoeken in welke samenwerkingsvorm ze passend onderwijs realiseren? Kamerleden Lisa Westerveld (GL) en Peter Kwint (SP) dienden daarvoor deze week een motie in. Bestuurder Dave Ensberg-Kleijkers van Stichting Biezonderwijs heeft er wel oren naar. “Het verplichte samenwerkingsverband is geboren uit wantrouwen.”

Veel samenwerkingsverbanden functioneren goed, weten de Kamerleden die de motie indienden, maar er zijn ook samenwerkingsverbanden die worden ervaren als een extra bureaucratische bestuurslaag. Ook andere vormen van samenwerking zijn denkbaar. En daarom willen Westerveld en Kwint dat de regering in de evaluatie van passend onderwijs onderzoekt wat er gebeurt als de wettelijke verplichting van de samenwerkingsverbanden geschrapt wordt én ingaat op alternatieve vormen van regionale samenwerking.

Slob zegt geen nee

Minister Slob zegt geen nee. Maar hij vindt het absoluut nog te vroeg om ja te zeggen. Wacht eerst maar de evaluatie af, was zijn antwoord, als daaruit blijkt dat de samenwerkingsverbanden niet goed functioneren, kan zo’n onderzoek naar alternatieven gedaan worden.

Ensberg-Kleijkers, tot morgen bestuurder van Stichting Biezonderwijs voor speciaal onderwijs en vanaf maandag directeur-bestuurder van Jantje Beton, is het met de minister eens. “De evaluatie heeft geen taboes aan de voorkant, dus de samenwerkingsverbanden zullen aan bod komen. Daarna onderzoeken of de wettelijke verplichting geschrapt kan worden, zou best een idee kunnen zijn.”

Gedwongen huwelijk

Maar los van de evaluatie vindt Ensberg het eigenlijk “een prima idee” om de wettelijke verplichting los te laten. “Samenwerking die bij wet verplicht is, is geen samenwerking. Ik geloof niet in een gedwongen huwelijk.”

Geboren uit wantrouwen

Hij wijst ook op de historie van de parlementaire behandeling. “Pas op het laatste moment is deze verplichting toegevoegd. Een verankering om het passend onderwijs vast te binden. Eronder ligt een negatief beeld van schoolbestuur. Het is het antwoord op de vraag: Vertrouwen wij erop dat de scholen het juiste doen met elkaar, of moeten we daarop toezien? Het samenwerkingsverband is geboren uit wantrouwen op het laatste moment. Uit het idee: anders gaat het niet lukken.”

In zijn eigen regio hebben de schoolbesturen een onderwijscoöperatie gevormd: Tilburg Primair (T-PrimaiR). “Daarin willen we mettertijd het samenwerkingsverband laten opgaan. Zodat we samen kunnen werken aan goed onderwijs, en niet alleen voor passend onderwijs. Want het is natuurlijk heel raar dat je voor regulier en passend onderwijs aan twee verschillende tafels moet vergaderen. Als de verplichting van het samenwerkingsverband komt te vervallen, blijven wij hier gewoon coöperatief samenwerken.”

Optimisme vanuit Den Haag

Ensberg-Kleijkers is niet bang voor anarchie als aansluiting bij een samenwerkingsverband niet langer verplicht is. “De vraag is: heb je er vertrouwen in dat schoolbesturen het juiste doen voor kinderen? En hoe je daarop antwoordt, heeft te maken met hoe je tegen de wereld aankijkt. Hetzelfde pedagogisch optimisme dat we in het onderwijs hebben, zou je moeten hanteren vanuit Den Haag. Wat voor kinderen geldt, geldt ook voor schoolbesturen: vertrouw ze, en ze gaan groeien.”

PO | VO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs