Publicatiedatum: 13 september 2022

“Ik heb een pedagogische achtergrond. Dat kun je merken aan de manier waarop ik mijn werk doe. Hoewel ik opbrengstgericht ben, hecht ik daarnaast een groot belang aan de pedagogische kant van onderwijs. Ik vind het belangrijk dat elke leerling zich kan ontwikkelen op een manier die bij hem of haar past.”

Succescriteria

“Onze wiskundedocenten hebben een lesmethode ontwikkeld waarin de opbrengst-gerichtheid en de pedagogische kant van onderwijs mooi samenkomen. Leerlingen mogen in onze wiskundelessen zelf de volgorde bepalen waarin ze door de blokjes met lesstof lopen. Elk blokje begint met een opsomming van de succescriteria waaraan de leerling aan het eind moet voldoen. Kiezen ze ervoor om aan een bepaald criterium te werken, dan krijgen ze eerst instructie hoe ze deze vaardigheid kunnen oefenen. Na het maken van een diagnostische toets waar ze geen cijfer voor krijgen, maar wel inhoudelijke feedback, kunnen de leerlingen zelf zien of ze een vaardigheid beheersen of dat ze nog even door moeten oefenen.

''Elke leerling loopt zo in zijn eigen tempo door de lesstof heen. Voor de snelle leerlingen is het fijn dat ze niet afgeremd worden door langzamere klasgenoten. Leerlingen die minder goed in wiskunde zijn, vergelijken zichzelf niet meer met anderen. Daarmee groeit hun zelfvertrouwen en hebben ze minder snel het idee dat ze ‘het toch niet kunnen’.”

Leergierige nieuwsgierigheid

“Omdat ik tijdelijk ook wiskundeles gaf, zag ik van dichtbij dat deze onderwijsmethode positief uitpakt. Ik vind het leuk dat leerlingen heel enthousiast zijn over deze manier van werken. Ook bij de andere vakken richten we ons onderwijs op een vernieuwende manier in, waarbij de leerling een onderzoekende en nieuwsgierige houding aanleert. We geven in leerjaar 1 – en vanaf volgend jaar ook in leerjaar 2 – geen cijfers, alleen inhoudelijke feedback. Cijfers werken algauw demotiverend. Bij een laag cijfer denkt de leerling dat hij het niet kan en bij een hoog cijfer daagt de leerling zichzelf niet verder uit. Ook als er soms wel meer inzit. Als een kind een voldoende haalt is het vaak voor hem al goed, terwijl je juist wilt zien dat leerlingen nieuwsgierig blijven. In de bovenbouw werken we wel meer met cijfers, maar tegen de tijd dat de leerlingen daar aankomen, hopen we al een goede leergierige basis gelegd te hebben.”

“Ik ben niet tegen cijfers, maar ze moeten niet te belangrijk gemaakt worden. Op De Nieuwste School zetten we liever in op de onderzoekende houding van de leerling, hoe hij zijn bevindingen uitlegt aan anderen en op het geven van inhoudelijke en persoonlijke feedback waar de leerling wat mee kan. In elk geval moeten cijfers – als je die geeft – altijd gepaard gaan met feedback, feedup en feedforward. Dan weet de leerling wat hij nog moet ontwikkelen, hoe hij dat moet doen en wat hij moet laten zien om de leerdoelen te bereiken. Dat wat we vroeger zagen als ‘goed onderwijs’, hoeft nu helemaal niet meer zo te zijn. De samenleving verandert namelijk continu. Ik denk dat de discussie over de kwaliteit van het onderwijs te vaak losgetrokken wordt van de tijd waarin we leven. Het onderwijs moet mee kunnen bewegen met wat er verandert om ons heen. Goed onderwijs houdt voor mij in dat het de ontwikkeling van de leerling centraal stelt en daaraan recht doet.”

Programmalijn Geïnspireerd Goed Onderwijs

Marieke van den Hurk is niet de enige onderwijsprofessional die zich bezighoudt met de juiste manier van onderwijs geven. Ben je ook op zoek naar hoe je op jouw school onderwijs kunt vormgeven waarbij kwalificatie, socialisatie en persoonsvorming goed met elkaar in balans zijn? Binnen de programmalijn Geïnspireerd Goed Onderwijs kun je ook gebruikmaken van onze expertise om samen op zoek te gaan naar het beste onderwijs voor jouw leerlingen. Binnenkort verschijnt ook onze publicatie 'Narratief waarderen', dat dieper op dit thema ingaat.

Gerelateerde berichten