U bent hier

10-14-scholen willen van ‘intensieve samenwerking’ naar ‘slagvaardig onderwijs’

Kwaliteit
PO | VO

Pagina’s vol plannen schreef ons nieuwe kabinet voor het onderwijs. Wat vindt het veld daar eigenlijk van? Deze week: Pieter Snel, docent en mede-ontwikkelaar van de programmalijn voor het Tienercollege, over meer experimentele ruimte voor 10-14-scholen en het afnamemoment van de eindtoets.

De regering wil zogeheten ’10-14-scholen’ meer experimentele ruimte geven. Het Tienercollege in Gorinchem startte zes jaar geleden als eerste in ons land met zo’n samenwerking tussen primair en voortgezet onderwijs. Ze kwam de nodige hobbels tegen. 

Hinder van de verschillende wetten

“Er is een groep leerlingen die echt baat heeft bij uitstel van selectie en vormen van versnelling naar vo-aanbod”, weet Snel na zes jaar ervaring. “Ik hoop dat deze ruimte betekent dat we nog méér onderzoeken hoe we 10-14 vormen slagvaardig organiseren zonder veel hinder van de scheiding tussen de Wet op het primair en die op het voortgezet onderwijs.” Die leidt tot met name veel dubbel werk in de back office. 

Één school, twee organisaties

“10-14 is en blijft een intensieve samenwerking van basisonderwijs en voortgezet onderwijs. Je vormt niet één school. Dat betekent dat je in de praktijk twee organisaties houdt. Dat legt beslag op wat je wilt: slagvaardig onderwijs en iedere leerling tussen de 10 en 14 het aanbod bieden dat het beste bij hem of haar past.” 

In het Tienercollege werken leraren po en vo heel nauw samen. Samen creëren ze doorlopende leerlijnen, onderzoeken hoe ze onderwijs het beste vorm kunnen geven in werkvormen, projecten en vo-aanbod binnen het primair onderwijs, legt Snel uit. “Voor hen is het zaak zo min mogelijk last te hebben van aparte po- en vo-regelgeving. Ik hoop dat ruimte voor de regering ook betekent dat de dubbele organisatie wordt verminderd.”

Uitstel van selectie

Snel noemt de 10-14-school een uitkomst voor zowel leerlingen die in de bovenbouw van het basisonderwijs al véél meer aankunnen als leerlingen die tijd nodig hebben om er echt uit te laten komen wat ze kunnen. “Uitstel van selectie, daar hebben deze leerlingen echt profijt van: We zien in de praktijk dat een deel van onze leerlingen het perspectief overstijgt.”

De eindtoets? Om verder aanbod te bepalen

Het is natuurlijk ook interessant te weten hoe het Tienercollege aankijkt tegen deze zin uit het regeerakkoord: Het kabinet gaat in overleg met het onderwijsveld met als inzet de eindtoets in het primair onderwijs te vervroegen en/of het eindadvies later uit te brengen.

Ja, de school neemt de verplichte eindtoets af. En ze gebruikt de uitkomst ook om verder aanbod te bepalen, laat Snel weten. “Maar de vraag is of je zo’n toets echt nodig hebt in een doorlopende leerlijn 10-14 jaar. Daar verzamel je al zoveel gegevens dat je al echt goede uitspraken kunt doen over perspectief van de leerling. Je kent echt het beheersingsniveau van taal rekenen, wereldoriëntatie, studievaardigheden, Engels… Observaties, formatieve toetsen en portfoliomaterialen geven daarover veel informatie.”

Lees ook