U bent hier

Zo worden toekomstige leraren opgeleid om sociale veiligheid in de klas te waarborgen

Pesten: het komt helaas nog regelmatig voor. Het is dan ook niet voor niets dat de Week tegen Pesten nu plaatsvindt. Als school hoop je pestgedrag natuurlijk te voorkomen om de sociale veiligheid in de klassen te waarborgen. Maar hoe worden leerkrachten eigenlijk klaargestoomd om treiteren en pesten te herkennen? 

Uit het onderzoek Monitor Sociale Veiligheid in en rond scholen (2018)* blijkt dat 10% van de ondervraagde basisschoolleerlingen uit groep 7 en 8 aangeeft gepest te worden. Bij pesten kan gedacht worden aan uitgescholden worden. 18% van de ondervraagde leerlingen was hier slachtoffer van. Ook buitensluiting (11%), opzettelijk fysiek pijn worden gedaan (10%) en angst voor medeleerlingen (9%) komt voor.

Uit het onderzoek onder ouders blijkt dat volgens 41% van hen pesten in of buiten school voorkomt. 41% geeft aan dat het om verbaal geweld gaat. Ook licht lichamelijk geweld (42%), sociaal geweld (32%) en materiaal geweld (15%) komt voor.

Sociale veiligheid

Op de Marnix Academie in Utrecht speelt sociale veiligheid een grote rol in het curriculum. Wel wil docente Daphne Drost benadrukken dat dit meer is dan alleen pesten. ‘’Je moet ook denken aan discriminatie, agressiviteit en kindermishandeling. Sociale veiligheid omvat veel meer dan alleen het bestrijden van sociale onveiligheid. Denk aan een goed pedagogisch klimaat, waar kinderen zich veilig voelen, zichzelf mogen zijn, gezien en gerespecteerd worden, fouten mogen maken en niet uitgelachen worden.’’

In de eerste twee jaar van de pabo-opleiding krijgen de studenten één dag per week het vak Leerkracht. Met name in het tweede blok van het eerste jaar gaat het hierin over een goed en veilig klimaat op school. ‘’Hierin wordt ook expliciet ingegaan op hoe je als leerkracht omgaat met pestgedrag’’, legt Drost uit.

Meer aandacht

Omgaan met pestgedrag gaat in elk geval verder dan alleen er aandacht aan besteden in de Week tegen Pesten of een pestprotocol in de school ophangen. ‘’Leerkrachten moeten zich bewust zijn dat elk kind zijn verleden heeft. Zij moeten in staat zijn om kinderen te laten zien dat ieder zijn talenten heeft en elkaar daarin moet waarderen. Je bent als leerkracht absoluut pedagoog. Als een kind zich namelijk niet veilig voelt in de klas, dan komt het kind helemaal niet tot leren.’’

Seksualiteit en (psychische)kindermishandeling, waar onder meer pesten onder valt, komen aan bod in het vak Gezondheidskunde. Deze lessen geeft Drost aan tweedejaarsstudenten. Ook is er in het derde jaar een zorgminor, waarin specifiek wordt ingegaan op individuele onderwijsbehoeftes van kinderen. Tot slot kan in het laatste jaar van de deeltijdpabo in het profiel pedagogische didactische verdieping worden gekozen voor sociale veiligheid.

Grip op de groep

Ook de pabo van de Christelijke Hogeschool Ede (CHE) besteed aandacht aan pesten en sociale veiligheid. ‘’Ons curriculum is opgebouwd uit drie grote leerlijnen. De basisleerlijn is de vakmanschapslijn, waarin vijf kritische beroepssituaties aan de hand van het werkveld zijn geformuleerd’’, vertelt docente Christine de Heer – Booij. De tweede kritische beroepssituatie is ‘grip op de groep’. Hierin wordt ingegaan op de groepsdynamiek, het groepsklimaat, de groepsvorming- en veiligheid en een goed pedagogisch klimaat. ‘’Hierin zit pesten, maar ook alles wat hier naartoe leidt bij inbegrepen.’’

Dan zijn er nog de vakkennislijn en de leiderschapslijn. ‘’In deze laatstgenoemde gaan we in op wie jij bent als student en later ook als beginnend leerkracht. In vier jaar maken onze studenten namelijk een transitie mee van een lerende student naar een verantwoordelijke voor een groep. Zo komt in deze leerlijn ook de groepsdynamica weer terug en gaan ze onder meer aan de slag met de Roos van Leary, waarbij communicatieve vaardigheden worden versterkt.

Bewustwording

Verder worden er in de opleiding ook veel gesprekken met studenten zelf gevoerd. ‘’Sommige studenten zijn bijvoorbeeld zelf gepest of waren de pester. Zij hebben eigen ervaringen waardoor ze het bijvoorbeeld extra goed willen doen voor de kinderen of uit zelfbescherming juist niet durven. Door bewustwording te creëren en te bespreken wat dit met hen doet, verbinden we dit aan wat dat ook met een groep op de basisschool doet’’, zegt De Heer – Booij.

De CHE biedt geen specifieke post-hbo’s aan op dit onderwerp voor leerkrachten, maar leidt wel interne coaches voor basisscholen op. Deze interne coaches begeleiden startende leerkrachten en helpen ze bij zaken waarmee ze worstelen. De begeleiding in omgaan met sociale veiligheid in de klas, is daar een onderdeel van. Ook biedt de hogeschool de masteropleiding Contextuele benadering aan. ‘’Hierbij haken we in op het werken in de driehoek: dus de samenwerking tussen de school, ouders en kind. Het draait daar om het samenwerken tussen ouders en leerkracht ten behoeve van het kind.

Wat De Heer haar studenten en leerkrachten wil meegeven, is dat er een goede balans in de klas moet worden gehouden. ‘’Pesten moet erkent en herkent worden en daar moet zeker aandacht aan worden besteed. Maar ook positieve dingen, zoals een klus die een groep samen heeft geklaard, moet gevierd worden. Als je hier woorden aan geeft, help je de klas verbinden om het goed te hebben met elkaar.’’

Gesprek voeren

Stichting School en Veiligheid organiseert al ongeveer tien jaar de Week tegen Pesten. Ook zij hebben een duidelijke visie in hoe leerkrachten moeten worden klaargestoomd om pesten te herkennen en de sociale veiligheid in de klas te waarborgen. ‘’De leerkracht is degene die moet verbinden en het gesprek met de klas moet voeren. Wat je nu vaak ziet, is dat een leerkracht reageert op het hier en nu: dus alleen de pester en de gepeste toespreken.’’

Daarom roept Hiemstra leerkrachten op om oog te houden op het groepsproces. ‘’Ga altijd in op wat er in een groep gebeurt. Behalve de pester en de gepeste, is er ook nog een deel meeloper. Hierbij zitten ook wéér kinderen die wel daadwerkelijk last hebben van de waardeloze sfeer in de groep. Zij moeten ook betrokken worden bij het proces om de sociale veiligheid te verbeteren’’, zegt hij.

Hij benadrukt dat hij blij is dat de pabo’s en andere lerarenopleidingen in Nederland meer aandacht besteden aan pesten en sociale veiligheid in hun curriculum. ‘’Hierdoor ontstaat bij de toekomstige leerkrachten het besef dat dit ertoe doet. Maar behalve in de opleiding, gaat het ook om ervaring en dagelijkse praktijk. Dit kun je op een opleiding niet simuleren, maar bijvoorbeeld in een stage wel. Daar valt nog veel te behalen.’’

Schoolbestuur

Zo drukt Hiemstra ook schoolbesturen op het hart om afspraken te maken met het team over hoe leerkrachten het gesprek over pesten in de klas moeten voeren. ‘’En niet alleen naar de kinderen toe, maar ook naar de ouders die verhaal komen halen. Kinderen in het basisonderwijs roepen niet zomaar wat. Je moet bij hen ook met de omgeving praten. Daarin moeten scholen duidelijke afspraken maken of een leerkracht zo’n gesprek alleen voert en wat in bepaalde situaties wordt gedaan.’’

Ook niet onbelangrijk is – met oog op de sluiting van de scholen tijdens de coronacrisis – het besteden van aandacht aan digitaal pesten. ‘’De coronaperiode heeft laten zien dat kinderen nog steeds werden gepest, ondanks de intelligente lockdown. Het was lastig voor leerkrachten én ouders om hier grip op te krijgen’’, vertelt Hiemstra. Als een leerkracht de klas voor zijn of haar neus heeft, is het makkelijker om te zien of kinderen bedrukt zijn of het niet naar hun zin hebben. ‘’Maar óók bij digitaal les moet de leerkracht het gesprek blijven aangaan, zodat de leerlingen er niet alleen voor staan. Vandaar ook ons thema tijdens de Week tegen Pesten: samen aan zet.’’

*Cijfers over 2020 waren op het moment van publiceren nog niet beschikbaar.

PO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs