U bent hier

WRR-rapport benadrukt economische rol onderwijs

“WRR wil meer geld naar onderwijs”, kopte menige krant vorige week. Aanleiding: een 400 pagina’s tellend rapport, getiteld Naar een lerende economie. Wat adviseert de raad nu voor het onderwijs? Wij lazen het rapport.

Zorgvuldig leren
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid adviseert in zijn jongste rapport hoe de economische positie van Nederland in de toekomst versterkt kan worden en hoe onderwijs daarin een belangrijke rol kan spelen.

Het rapport is zeer zorgvuldig samengesteld en draagt een aantal belangrijke zaken met betrekking tot onderwijs aan. Wij gaan wat dieper in op het hoofdstuk Zorgvuldig leren (hfdst. 9).

Niet compleet
In dit hoofdstuk onderscheidt het rapport drie functies van onderwijs: een economische, een algemeen vormende en een rol als emancipatie-instrument. Zelf spreken we graag van de functies kwalificatie, socialisatie en persoonsvorming die idealiter met elkaar in evenwicht zijn. Onderwijs dat slechts één of twee van deze doelen beoogt, is wat ons betreft niet compleet.

Het gaat om een evenwicht tussen aan de ene kant het door middel van disciplinering leerlingen voorbereiden op de samenleving en de economie (socialisatie en kwalificatie) en het aan de andere kant stimuleren van leerlingen in hun persoonlijke groei, creativiteit en talenten (persoonsvorming).

Traditie en vernieuwing
Wij stellen dat onderwijs gebeurt op het snijvlak van traditie en vernieuwing. Het gaat er niet alleen om dat leerlingen de bestaande kennis, cultuur en vaardigheden krijgen overgedragen, maar onderwijs is er ook verantwoordelijk voor jongeren op te leiden tot nieuwsgierige volwassenen die actief op hun eigen manier een vernieuwende bijdrage leveren aan de samenleving en het goede samen leven.

Zo gesteld lezen wij overal waar in het rapport ‘economie’ staat, liever ‘samenleving met de economie als onderdeel’.

Persoonsvormend 
We zijn blij dat het rapport ruimte biedt om te benadrukken dat onderwijs persoonsvormend behoort te zijn. Creativiteit en innovatie worden meerdere malen genoemd als doelen van onderwijs.

Economische bril
Hier moet echter een kritische kanttekening bij worden gemaakt. Aangezien het rapport handelt over de economische positie van Nederland, is de economie ook de bril waardoor er naar het onderwijs gekeken wordt. Dit is iets om je bij het lezen van het hoofdstuk voortdurend van bewust te zijn.

Deze kwalificatierol of ‘economische functie’ van het onderwijs komt het sterkst naar voren in zowel observaties als aanbevelingen. De andere functies van het onderwijs, bijvoorbeeld de persoonsvorming, komen in dienst te staan van deze kwalificatiefunctie.

Behalve kennis en vaardigheden noemt het rapport ook persoonsvorming van belang voor de economie. Maar mag het onderwijs juist niet ook een eigenstandig vormingsdoel hebben als dienst aan het kind en het samen leven van mensen? Het onderwijs is eerst en vooral vormend en neemt vanzelfsprekend daarin de kwalificatiefunctie mee.

Voorbereiden op de samenleving
De onderzoekers constateren dat niet alleen het onderwijs zich aanpast aan de economie, maar de economie ook aan het onderwijs. Wanneer het onderwijs in een land kwalitatief sterk is op een bepaald gebied, is dit terug te zien in de economie. Deze observatie heeft ons inziens de consequentie dat het onderwijs leerlingen niet alleen behoort voor te bereiden op de samenleving, maar dat het onderwijs bedenkt op wat voor soort samenleving zij leerlingen voorbereidt en over de normatieve vraag op wat voor samenleving het onderwijs kinderen wil voorbereiden.

Wij stellen dus dat het onderwijs niet alleen een passief antwoord op de vragen van de samenleving (met als deelgebied de economie) is, maar actief vormgeeft aan deze samenleving. In andere woorden: het gaat in onderwijs steeds om traditie en vernieuwing.

Brede academische vorming
Een van de aanbevelingen in het hoofdstuk is dat voor het PO en het VO een serieuze investering in kwaliteit nodig is. Ook in de kwaliteit van docenten door bijvoorbeeld de academisering van leraren.

Hierin kunnen wij ons vinden. Wel hebben we hierbij een opmerking. Vanuit onze visie adviseren wij om docenten breed academisch te vormen en niet enkel in te zetten op het cognitieve aspect en het kwalificatiedoel van onderwijs (zie ook het Onderwijsraadrapport Onderwijs Vormt).

Dan moet er ook aandacht komen voor de pedagogische vertaling van deze brede academische vorming naar het onderwijs zodat nieuwe leraren in hun rol als pedagoog in staat zijn leerlingen breed te vormen.

Meer autonomie
Als docenten hoger gekwalificeerd zijn, ligt het in de lijn der verwachting dat het onderwijs een grotere mate van autonomie vraagt. Dit kan als consequentie hebben dat regelgeving vanuit de overheid binnen het onderwijs minder wordt en dat het onderwijs zelf meer verantwoordelijk wordt voor de kwaliteit en het monitoren hiervan.

Wij zouden het een goede ontwikkeling vinden als het onderwijsveld steeds meer zelfsturend gaat functioneren en de overheid kaders biedt waarbij we een evenwicht tussen de verantwoordelijkheden van management en docenten voorstaan.

Lees het zelf
We hebben hier een selectie behandeld van interessante punten uit het hoofdstuk en verwijzen u graag naar het volledige hoofdstuk. Dat is meer dan de moeite waard om te lezen in het licht van de aanbevelingen voor het onderwijs.
Wij vatten het hoofdstuk Zorgvuldig leren ook voor u samen.

Wat ons betreft vraagt de economie van de toekomst vooral dat mensen als persoon zijn gevormd in wat ze kunnen en weten, in hoe ze kunnen samenleven en hun unieke bijdrage kunnen leveren aan de samenleving.

WO | HBO | MBO | PO | VO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs