U bent hier

Vijf vragen aan Gert Biesta: ‘De kern van deze burgerschapskwestie zit ‘m in de wilsopvoeding’

Scholen doen hun uiterste best om burgerschapsvorming handen en voeten te geven. Maar hoe kunnen zij in dit complexe speelveld hun weg vinden? Hoogleraar en pedagoog Gert Biesta schreef voor Verus een whitepaper over burgerschapsonderwijs. Maar hoe kijkt hij aan tegen de huidige stand van zaken rondom burgerschap?

Wat vindt u van het huidige burgerschapsonderwijs in Nederland?

"Het belangrijkste wat je er in algemene zin over kunt zeggen, is dat de bandbreedte van burgerschapsonderwijs erg groot is. Op sommige plekken gebeuren fantastische dingen, terwijl op andere scholen het meer langswaait of niet expliciet aandacht krijgt. Dit heeft ook te maken met dat leerkrachten niet altijd goed weten hoe ze dit handen en voeten moeten geven."

Als het gaat over de opdracht van burgerschapsvorming dan wordt er al snel naar de school gekeken. Dat is niet verwonderlijk, want onderwijs speelt een belangrijke rol in de toerusting van kinderen en jongeren voor hun latere leven. De centrale pedagogische uitdaging is om kinderen en jongeren oriëntatie op onze plurale samenleving te bieden en hen te enthousiasmeren om als volwassene hun eigen plek hierin te vinden. Lees hier alles over in het whitepaper van Gert Biesta.

Moeten leerkrachten dan verder geprofessionaliseerd worden?

"Ja. Professionaliseren of scholen, hoe je het wil noemen. Het probleem is dat er grote thema’s, zoals burgerschapsvorming, zijn waar we van vinden dat het onderwijs er iets mee moet. Maar als het een kwestie voor iedereen is, is het risico dat niemand daar de verantwoordelijkheid voor neemt of de expertise voor ontwikkelt. Het blijft dan hangen op leraren die zich er toevallig wel in verdiepen. Je moet de expertise verzorgen bij individuele leraren maar ook bij alle teams.

Daarnaast heeft het ook te maken met waar je burgerschap lokaliseert. De discussie die nu loopt over de aanscherping van de burgerschapsopdracht is er een voor heel het onderwijs. Daarnaast loopt er ook een discussie over de invulling van het vak ‘burgerschap.’ De vraag is of je het laat vallen onder bestaande vakken als maatschappijleer, geschiedenis en wereldoriëntatie of dat je een geheel nieuw vak ontwikkelt?"

''Je moet uitkijken dat je van burgerschap geen diploma maakt en denkt dat daarmee de kous af is.''

Welke heeft uw voorkeur?

"Er is voor beide opties iets te zeggen. Het goede van burgerschap als vak is dat er bewust aandacht wordt besteedt aan hoe je dat zou kunnen invullen en vormgeven. Dus dat scherpt de aandacht. Maar het gevaar is dat je het inkadert in termen van doelen en toetsen en de vraag wat het betekent om geslaagd te zijn voor burgerschap en daarmee wordt de zorg voor burgerschap snel te beperkt. Eigenlijk is dit een zorg die door alle vakken heen moet lopen en ook zichtbaar moet worden in het schoolklimaat, de dagelijkese omgang, enzovoorts. Je moet uitkijken dat je van burgerschap geen diploma maakt en denkt dat daarmee de kous af is."

Hoe vindt u de beoogde aanscherping van de burgerschapsopdracht?

"Die gaat voornamelijk over waarden. Het lijkt net alsof je met de juiste waarden het probleem oplost. En het komt over alsof anderen zich moeten aanpassen aan onze Nederlandse waarden. Ik snap wel waar de manier van denken vandaan komt. Het is een reactie op radicalisering en antidemocratische geluiden. Maar als je nog harder gaat duwen op aanpassing, dan vererger je in feite het probleem – de tegenstelling tussen ‘wij’ en ‘zij.’

Het gaat erom of leerlingen zich écht verbonden weten met deze waarden, zodat ze zich ervoor willen inzetten. De kern van deze kwestie zit hem niet in de waardeontwikkeling van kinderen, maar de wilsopvoeding. Het gaat er uiteindelijk om of je de wil kunt opbrengen om het met elkaar uit te willen houden. Of we bij kinderen het verlangen kunnen wekken om democratisch in het leven te willen staan. Het is belangrijk om dit pedagogische punt in deze kwestie niet te vergeten. Als we het alleen over waardenontwikkeling hebben, missen we die onderliggen dimensie, en juist daar is belangrijk, en moeilijk, pedagogisch werk te doen."

Hoe komt dit terug in het whitepaper dat u voor Verus schreef?

"Ik probeer hierin te laten zien dat democratie te maken heeft met de infrastructuur van de samenleving. Dat is de metafoor van het democratisch speelveld. Als je wilt voetballen, dan is het niet zo dat je alleen je eigen team sterk maakt. Je draagt ook zorg voor het voetbalveld. Want als je dit niet doet, wordt het één grote modderpoel. De zorg voor onze democratische waarden ligt op het niveau van dit speelveld. Als jij de ruimte wil voor je kijk op het goede leven, moet je dat ook aan een ander bieden en moet je samen zorg dragen voor het speelveld waarbinnen dit mogelijk is."

Benieuwd naar het whitepaper van Gert Biesta?

Download whitepaper

Vul je gegevens in en ontvang het whitepaper via e-mail. Voor vragen over het nieuwe burgerschapsaanbod van Verus of als je wilt weten wat Verus voor jouw school kan betekenen, neem contact op met Jacomijn van der Kooij of Guido de Bruin

Webinar

Wat vraagt de burgerschapsopdracht van leraren en hoe kunnen wij hen hierin het beste ondersteunen? Deze vragen staan centraal in het burgerschapswebinar met Jeroen van Waveren op 19 november. Er zijn nog plekken. Ben jij erbij?

PO | VO | MBO | HBO | WO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs