U bent hier

Scherpe daling aantal achterstandsleerlingen

Er zitten aanzienlijk minder achterstandsleerlingen op de basisschool dan dertien jaar geleden. In die periode is het aantal leerlingen procentueel gedaald van ruim 39 procent van het totale aantal leerlingen, naar 18 procent. Dat meldt het CBS op zijn website.

Er zitten aanzienlijk minder achterstandsleerlingen op de basisschool dan dertien jaar geleden. In die periode is het aantal leerlingen procentueel gedaald van ruim 39 procent van het totale aantal leerlingen, naar 18 procent. Dat meldt het CBS op zijn website.

De afname is volgens het CBS vooral toe schrijven aan de stijging van het opleidingsniveau van de ouders. Scholen krijgen extra geld voor kinderen die aangemerkt zijn als achterstandsleerlingen. De criteria van de zogeheten gewichtenregeling zijn sinds augustus 2006 aangescherpt. Tot die tijd werd onder meer gekeken naar de herkomst van de ouders (etniciteit) en hun opleiding. Door die ruime formulering kwamen ook leerlingen voor extra budget in aanmerking, die strikt genomen geen feitelijke achterstand in taal of rekenen hadden.

Op verzoek van de Tweede Kamer heeft toenmalig minister Van der Hoeven een nieuwe gewichtenregeling ingevoerd, waarbij de opleiding van de ouders doorslaggevend is geworden. Voor dit criterium is gekozen omdat uit onderzoek bekend is, dat het opleidingsniveau een goede indicator is voor achterstand. Met deze nieuwe regeling is er een evenwichtiger verdeling van het budget van achterstandsgelden mogelijk.

De regeling is zowel op allochtone als autochtone kinderen van toepassing. Tot de invoering van de nieuwe gewichtenregeling waren er ongeveer 400.000 achterstandsleerlingen in het primair onderwijs, ongeveer gelijk verdeeld over allochtoon en autochtoon. Dit aantal is volgens verwachting inmiddels gedaald naar ongeveer 300.000 leerlingen.

Omdat de nieuwe regeling geleidelijk wordt ingevoerd zijn er ook leerlingen die onder de oude regeling vallen. Volgens de jongste cijfers van het CFI is de verdeling over autochtoon en allochtoon als volgt. Autochtone leerlingen met achterstand 5 procent (oud) en 4 procent (nieuw). Allochtone leerlingen met achterstand 6 procent (oud) en 3 procent (nieuw). 

Verhoudingsgewijs gaat er nu meer budget naar autochtone achterstandskinderen en dat was ook de bedoeling van de politiek. Bepaalde gebieden met veel 'witte' achterstandsleerlingen, zoals in Friesland, vielen onder de oude regeling vaak buiten de boot. De rijksoverheid trekt jaarlijks ruim vijfhonderd miljoen euro uit voor de financiering van de bestrijding van onderwijsachterstand.

Reageren? Uw reactie kunt u mailen naar internetredactie@besturenraad.nl.

Reacties van lezers .................................................

In bovenstaand artikel wordt volgens mij een belangrijke oorzaak van de scherpe daling vergeten, nl. de schaamte van veel ouders om te vermelden, dat ze geen of nauwelijks een opleiding hebben gehad. Ze vullen dan maar iets in.

Hans Hembrecht, directeur Basisschool Willem van Oranje, Woerden 6 juni 2008

.................................................

Het lijkt me erg gemakkelijk gesteld dat het aantal achterstandsleerlingen zo gigantisch gedaald is als u in uw bericht beweert. Het aantal leerlingen is gelijk gebleven of misschien wel toegenomen. Door de nieuwe gewichtenregeling vallen veel kinderen die die zorg wel nodig hebben nu buiten de groep achterstandsleerlingen. Op mijn school in Groningen had ik jaren achter elkaar meer dan 70% zogenaamde doelgroepleerlingen. Door de nieuwe gewichtenregeling dit jaar 49,6%. Zijn de kinderen of hun ouders nu veranderd?

Wel ga ik er voor mijn school wat formatie en achterstandsbijdrage op achteruit. Dit speelt zelfs door in het aantal uren wat wij van de gemeente krijgen voor leerlingenzorg. Wij lopen tegen steeds meer kinderen en ouders aan die extra zorg en/of begeleiding nodig hebben, maar we kunnen steeds minder bieden. De stelling klopt dan ook niet altijd en overal volgens mij.   Ik heb er nog zo eentje: alle kinderen boven de citoscore van 520 moeten toegelaten worden tot havo/vwo. Blijkt dan ineens dat het intelligentiepeil in Nederland enorm is gestegen? Er gaan immers meer kinderen naar een hogere vorm van voortgezet onderwijs.   Fokko Schepel, directeur De Kleine Wereld, Groningen 6 juni 2008

.................................................

In de nieuwsbrief staat dat het aantal gewogen leerlingen is gedaald. Cijfers van het CBS. Dit zal zeker kloppen. Maar is dit ook niet voor een groot deel het gevolg van de aanscherping van Netelenbosch in 1998? Voor dat jaar had ik een weging van 90%, nu zit ik op 37%, terwijl de ouders het zelfde zijn gebleven. Ik krijg alleen weging als beide ouders geen opleiding hebben, voorheen was dat een van beide. Ik zou graag zien dat u hier onderzoek naar deed en eventueel indien nodig het Ministerie en het CBS gaat wijzen op deze feiten.

M.Greidanus, directeur De Palm, Elim 6 juni 2008

 

 

 

PO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs