U bent hier

Rechter: Inspectie moet rapporten van drie scholen intrekken

Een schoolbestuur is naar de rechter gestapt om de Inspectie te laten verbieden de onderzoeksrapporten naar drie van haar scholen openbaar te maken. De rechter stelt het schoolbestuur in het gelijk.

Het kortgeding werd aangespannen door de Stichting voor Persoonlijk Onderwijs. Een stichting die verspreid door het land scholen voor voortgezet onderwijs heeft opgericht. De stichting vertegenwoordigt zelf geen richting maar maakt voor de oprichting van scholen op een creatieve (en volgens Verus zelfs aanvechtbare) wijze gebruik van het richtingenbegrip.

De uitspraak van de rechter is interessant omdat die nu eens scherp heeft gelet op het onderscheid tussen de controlerende en stimulerende taak van de Inspectie en hierbij heel nauw heeft gekeken naar de exacte formulering in de wet.

Eis om het predicaat ‘goed’

Meest opvallende eis van de stichting in het kortgeding was die om het predicaat ‘goed’ toe te kennen aan de vwo-afdeling van de Isaac Beeckman Academie.

Het schoolbestuur vindt het kortgeding niet de plaats om de rechter om een uitspraak te vragen over de vraag of de Inspectie überhaupt in de positie is om de predicaten ‘voldoende’ en ‘goed’ te geven. Maar ze stelt wel dat de Isaac Beeckman Academie het predicaat ‘goed’ moet krijgen. Ze vergelijkt zich hiervoor met een school in Culemborg, met volgens de stichting vergelijkbare onderwijsresultaten, die dat predicaat van de Inspectie kreeg.

Rechter: predicaat is ‘een soort score’

De Inspectie verweert zich dat het predicaat ‘goed’ wordt toegekend in de context van de specifieke school. Dit betekent geen vergelijking met andere scholen. Maar, zegt de rechter, dan “is het wel opvallend dat een soort ‘score’ wordt toegekend die voor vergelijking vatbaar is”. De gemiddelde lezer zal deze nuancering niet begrijpen volgens de rechter. En hier toch “vergelijkende waarde aan toekennen”.

In het kortgeding heeft het schoolbestuur op tien punten kritiek op de inhoud van het Inspectierapport. Naast die over het predicaat, zijn dit de belangrijkste:

  • De door de stichting gehanteerde code goed bestuur die volgens de Inspectie onvoldoende waarborgen zou bieden tegen belangenverstrengeling. De rechter vindt op dit punt dat de Inspectie gelijk heeft. De stichting beschikt wel over een code goed bestuur, maar die code biedt geen voorziening om belangenverstrengeling tegen te gaan.
  • Kritiek van de Inspectie is dat het bestuur de medezeggenschapsraad onvoldoende betrekt bij het ontwikkelen en vaststellen van schoolbeleid. Het bestuur bevestigt dat de medezeggenschap in het verleden onvoldoende functioneerde, maar dat is inmiddels veranderd. De rechter zegt niet te kunnen vaststellen of wat het bestuur beweert juist of onjuist is. Omdat het hier om een ernstig verzuim gaat moet er absolute zekerheid zijn dat de medezeggenschap daadwerkelijk onvoldoende functioneert om deze uitspraak te kunnen doen. De Inspectie moet deze passage dus verwijderen uit het rapport.
  • De Inspectie constateerde geen probleem rondom de beleving van de sociale veiligheid, maar rekent de school hier wel op af omdat ze geen gebruik maakt van een gestandaardiseerd monitoringsinstrument. De rechter geeft de Inspectie gelijk: als het gaat om sociale veiligheid moet je voldoen aan de eisen van de wet en is een gestandaardiseerd monitoringsinstrument verplicht.
  • Het bestuur van de vereniging had de toezichthouder benoemd: dat is één persoon. De Inspectie constateert dat er geen duidelijke taak-  of bevoegdheidsverdeling en noemt de toezichtstructuur kwetsbaar. De rechter volgt dit standpunt van de Inspectie, maar heeft ook kritiek. Want ze vindt de bevinding van de Inspectie suggestief. Door de gekozen formulering zal de niet-geoefende lezer snel tot de conclusie komen dat hier sprake is van een negatief oordeel. Deze zin moet dan ook uit het onderzoeksrapport worden verwijderd dan wel aangepast.

Al met al een interessante zaak. Waaruit blijkt dat kritisch doorlezen van een Inspectierapport en daarbij scherp letten op de wettelijke basis, succesvol kan zijn.

Hebt u vragen hierover? Zoekt u iemand die kritisch met uw inspectierappport meeleest? Neem contact op met mr. Kees Jansen of  mr. Thérèse Penders

Lees hier de volledige uitspraak van de rechter

PO | VO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs