U bent hier

‘Onafhankelijke scholen moeten binnen Europa samen hun positie bewaken en versterken’

Het onafhankelijk onderwijs staat Europees gezien onder druk. Dat zegt Simon Steen, voorzitter van de European Council of National Associations of Independent Schools in gesprek met Verus.  De Nederlandse vrijheid van onderwijs is volgens hem in Europa een lichtend voorbeeld. Onafhankelijke scholen moeten dit uitdragen, alert zijn op politieke ontwikkelingen, elkaar goed informeren, samenwerken en inspelen op actuele ontwikkelingen.

Op 5 juni vond de jaarlijkse European Meeting of Independent Education (EMIE) in Antwerpen plaats. Verus en VBS, die als netwerkorganisatie verbindend is voor diversiteit in het onderwijs, waren in 1988 twee van de mede-oprichters van ECNAIS. Bij dit netwerk zijn allerlei onderwijsvormen aangesloten die niet door de overheid worden bestuurd of in stand gehouden. Hieronder bevinden zich onder andere christelijke scholen, katholieke scholen, scholen op filosofische/pedagogische grondslag, waaronder vrije scholen en Montesorischolen, joodse- en internationale scholen.

Diversiteit

De onafhankelijke of bijzondere scholen weerspiegelen de diversiteit die zich steeds sterker manifesteert in de internationaler wordende Europese samenleving, zegt Steen. Toch staat het onafhankelijk onderwijs soms onder druk. ‘‘Het gebeurt soms zomaar in vergaderingen van internationale organisaties of overheden dat men, door onwetendheid of politieke vooringenomenheid, de ruimte van deze private onderwijsvormen inperkt.’’

Toegevoegde waarde

Als voorbeeld noemt hij een resolutie uit 2012 die was voorbereid door de onderwijscommissie van de Raad van Europa. Daarin werd onder andere de toegevoegde waarde onderstreept van onafhankelijke scholen. Deze moeten volgens de ontwerptekst op gelijke voet als de public schools worden bekostigd, omdat ze voor de samenleving een grote toegevoegde waarde hebben, vond de commissie. Steen: ‘‘Vlak voor de stemming zorgde een Brits lid ervoor dat het artikel over de onafhankelijke scholen uit de resolutie verdween. Dat gebeurde naar verluidt op aandringen van de Britse vakbonden, die bang waren dat de werkgelegenheid binnen de public schools hieronder zou lijden.’’

Unesco

Nog een voorbeeld: het platform van non-governmental organisations binnen Unesco heeft dit voorjaar een verklaring aangenomen die een nadelige invloed kan hebben op de positie van onafhankelijke scholen. De ECNAIS-voorzitter: ‘‘Het is dus ongelooflijk belangrijk dat we op Europees niveau onze kennis delen en onze krachten bundelen, zodat we wanneer nodig tijdig in actie kunnen komen.’’ 

Steen ziet naast de bedreigingen echter ook kansen. ‘‘Als ECNAIS hebben we destijds samen met onze EMIE-partners voor elkaar gekregen dat artikel 14 is opgenomen in het handvest voor de grondrechten van burgers in de Europese Unie. In dit artikel is vastgelegd dat alle EU-landen in hun nationale onderwijsstelsel ruimte moeten bieden voor het oprichten van onafhankelijke scholen, die recht doen aan de wensen van ouders, of die nu religieus, filosofisch of pedagogisch  geïnspireerd zijn, met inachtneming van het internationale mensenrechtenverdrag. Begin dit jaar heeft ECNAIS ook een ronde tafel in het Europees Parlement georganiseerd met leden van het Europees Parlement. Daarin hebben we nog eens krachtig onder de aandacht kunnen brengen hoe belangrijk het is dat dit grondrecht er is binnen de EU. We hebben ook laten zien waar dit recht floreert binnen Europa.’’

Nederlandse onderwijsstelsel

Steen: ‘‘In Europees verband geldt het Nederlandse onderwijsstelsel met als pijlers de vrijheid van onderwijs, de vrije schoolkeuze van ouders en een pluriform scholenbestand als een lichtend voorbeeld van hoe succesvol je ruimte kunt bieden aan diversiteit en verscheidenheid.’’  

Hij wijst als laatste voorbeeld van een kans voor de onafhankelijke scholen ook nog op de gezamenlijke verklaring van de EU-ministers van onderwijs in haar vergadering in maart jongstleden in Parijs.

Pluralisme

In deze verklaring over de bevordering van burgerschap en de gemeenschappelijke waarden van vrijheid, verdraagzaamheid en non-discriminatie door onderwijs, wordt de bescherming van onze pluralistische samenlevingen krachtig onderstreept. De ministers erkennen dat onderwijs een sleutelrol vervult in de persoonlijke ontwikkeling van leerlingen en roepen op tot dialoog en samenwerking tussen alle stakeholders in het onderwijs. Steen: ‘‘In EMIE-verband gaan we als vertegenwoordigers van de onafhankelijke scholen in Europa met overtuiging de dialoog aan met de Europese raad van ministers van onderwijs, het comité voor cultuur en onderwijs uit het Europees Parlement en met de EU-commissaris voor onderwijs, cultuur en sport.’’

In januari 2016 organiseert ECNAIS samen met de EMIE-partners een nieuwe ronde tafel bijeenkomst in het Europees Parlement in Brussel. Op 27 mei 2016 staat de volgende jaarlijkse EMIE-vergadering gepland, de zestiende op rij.

 

PO | VO | MBO | HBO | WO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs