U bent hier

Maken uw toezichthouders gebruik van de fictieve dienstbetrekking. Lees dan dit!

Voor uw raad van toezicht geldt dat sprake is van een fictief dienstverband, tenzij vanuit een eigen bedrijf een factuur verstuurd voor de werkzaamheden. Per 1 januari 2017 wordt die fictieve dienstbetrekking in de semipublieke sector afgeschaft. Welke consequenties heeft dat voor u en uw toezichthouders? 

Voor de toezichthouders die geen vergoeding of een vrijwilligersvergoeding ontvangen wijzigt er niets. Dat geldt ook voor toezichthouders die nu al een factuur versturen. De wijzigingen zijn dus alleen van belang voor toezichthouders die hun vergoeding als loon uitbetaald krijgen. 

De opties

Uitgangspunt is dat per 1 januari 2017 de betaling met inhoudingen via de loonadministratie stopt. De toezichthouder kan samen met u kiezen voor ‘opting in’, oftewel het kwalificeren van de werkrelatie als ‘werknemer voor de loonheffing’ (pseudo-werknemerschap). 

Deze keuze moet vóór 1 januari 2017 gemaakt worden. Er moet arbeid worden verricht door de toezichthouder en gezamenlijk een verzoek ingediend bij de Belastingdienst. Ook mag geen sprake zijn dat de verrichte werkzaamheden belastbare winst vormen voor de inkomstenbelasting. Indien goedkeuring van de Belastingdienst wordt verkregen, kan de betaling via de loonadministratie doorlopen. Wel wordt de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (Zvw) ingehouden op de netto vergoeding. De werkgeversheffing vervalt.

Bovenstaande wordt bij wet geregeld per 1 januari 2017. De Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wdba), waarin o.a. de VAR-verklaring wordt afgeschaft http://www.verus.nl/nieuws/van-var-naar-modelovereenkomst-in-het-onderwijs , gaat echter in per 1 mei 2016. Ter overbrugging is een Beleidsbesluit gepubliceerd waardoor per 1 mei aanstaande het fictieve dienstverband achterwege kan worden gelaten. 

Als u niets doet, verandert er op dit moment nog niets. Er moet echter wel actie ondernomen worden, mocht u de verloning door willen laten lopen na 1 januari 2017. Gezamenlijk kan de keuze worden gemaakt om al per 1 mei a.s. te stoppen met de verloning. In dat geval wordt de vergoeding van de toezichthouder belast via zijn aangifte inkomstenbelasting. Ook is de toezichthouder dan zelf de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw verschuldigd.  

Samengevat

Per 1 mei aanstaande heeft de toezichthouder de keuze uit: 

  • verloning laten doorlopen (geen actie vereist), of; 
  • beëindigen verloning (gezamenlijke beslissing vereist) 

Per 1 januari 2017 heeft de toezichthouder de keuze uit: 

  • verloning voortzetten via ‘opting in’ (goedkeuring Belastingdienst vereist), of; 
  • beëindiging verloning (geen actie vereist)

Let op!

De toezichthouder is en blijft in alle gevallen ondernemer voor de BTW. Dat betekent dat BTW in rekening gebracht dient te worden, tenzij de toezichthouder gebruik maakt van de kleine ondernemersregeling.

Vragen?

Hebt u vragen over de verloning? Neem dan contact op met onze juridische helpdesk

 

PO | VO | MBO | HBO | WO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs