U bent hier

‘Leraar moet weer ruimte krijgen om zijn passie te etaleren’

Leraren moeten weer de ruimte krijgen om de passie voor hun vak over te dragen aan hun leerlingen. Want dat is waar onderwijs om draait. Leraren worden daarin echter gehinderd door beleidsregels en door de economisering van het onderwijs. Dat is de boodschap van het boek ‘Onderwijs, weer weten waarom’ van de Gronings algemeen pedagoog dr. Wilna Meijer.

Het boek wordt op 26 februari gepresenteerd op middelbare school De Goudse Waarden. “Ik geef daar voor docenten een lezing over het boek ‘De terugkeer van het gezag’ van cultuurfilosoof Frank Furedi. Hij geeft in dat boek een kritische analyse van het hedendaagse onderwijs. Dat leek me een mooi moment om mijn eigen boek te lanceren”, vertelt Meijer. “Ik verwacht dat de inhoud van mijn boek veel weerklank vindt bij de leraren. Niet alleen in het voortgezet onderwijs, maar in alle sectoren van het onderwijs.”

Het hoofdstuk dat het hart vormt van het boek gaat over de inspirerende leraar. Volgens Meijer is de leraar de afgelopen decennia in een klem komen te zitten en krijgt hij/zij steeds minder de kans om een goede leraar te zijn. Dat geldt zowel voor de leerkracht op de basisschool als voor de docent op de universiteit. “Dat komt door het beleid van de overheid, of soms door het management binnen de school. Maar ook door de samenleving die steeds nieuwe eisen stelt en verwacht dat de school allerlei maatschappelijke problemen maar oplost.”

Kritische distantie
Drugsgebruik, criminaliteit, burgerschap, kennissamenleving - om maar eens wat voorbeelden te noemen – allemaal wordt het op het bordje van de school gelegd. “Tegen die achtergrond zeg ik: Het is nu eens tijd dat de school een kritische distantie ontwikkelt ten opzichte van de samenleving. En zich afvraagt waar we een school voor hebben.”

Druk is er ook op de school en de leraar omdat ze afgerekend worden op prestaties en het beleid zich kenmerkt door economische doelen.

In essentie is een leraar iemand die zijn liefde voor een vak of een vaardigheid - literatuur, geschiedenis, aardrijkskunde, wiskunde, koken in het vmbo of sprookjes in een kleuterklas, enz. - over kan brengen op leerlingen. Die een vonk kan doen overslaan zodat die leerling er interesse in krijgt en misschien zelfs van zo’n vak gaat houden.

“Dat is voor de leraar het meest bevredigend. Ik verzin niks nieuws, want het gaat om klassieke pedagogische inzichten die ik voor het voetlicht wil brengen. Ik wil laten zien dat ze in de hedendaagse context nog altijd hun geldigheid hebben”, licht Meijer toe.

Schijntegenstelling
Op de lerarenopleidingen is er vaak een strijd over wat het meeste gewicht in de schaal legt: de pedagogiek of de didactiek. Maar volgens Wilna Meijer is dat een schijntegenstelling. “Men zegt: didactiek gaat om de inhoud en pedagogiek gaat om het kind. Maar in de klassieke pedagogiek gaat het om algemeen onderwijs en algemene vorming, de driehoek van opvoeder-kind-inhoud. In de school is dat leraar-leerling-leerstof. Dat is dus een geheel, het werkt samen. Maar tegenwoordig heeft men de eigenaardigheid om dat tegenover elkaar te zetten.”

Het nieuwe boek van Meijer gaat niet over de structuur van het onderwijs, maar desondanks pleit ze wel voor een herwaardering van de kleuterschool. In 1985 is de kleuterschool opgegaan in de basisschool, maar daardoor is het typische karakter van het kleuteronderwijs vrijwel verloren gegaan. Het is hoog tijd om die fout te herstellen en de kleuterschool los te koppelen van de basisschool, is het pleidooi van Meijer.

Titel: Onderwijs, weer weten waarom. Auteur: Wilna Meijer. ISBN: 9789088504112

 

WO | HBO | MBO | PO | VO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs