U bent hier

Katholiek en christelijk onderwijs: meer dan ooit van belang!

Het confessioneel onderwijs verkeert momenteel in een niet gemakkelijke fase van zijn bestaan, ziet onderwijsbisschop Hendriks. Terwijl dit onderwijs naar zijn mening momenteel juist meer dan ooit van belang is voor onze samenleving. Lees waarom.

Onderstaande tekst sprak onderwijsbisschop Hendriks uit bij het afscheid van drs. Th. Wijte als waarnemend voorzitter van de NKSR

Kenmerkend voor de neoliberale visie op onderwijs die momenteel dominant is, vond ik de verzuchting van staatssecretaris Dekker dat I-Padscholen als katholiek of protestant ‘vermomd’ moesten worden om in het huidige bestel voor erkenning in aanmerking te komen en dat dus dat bestel veranderd moet worden. 

Afgezien van de vraag of de opmerking van de staatssecretaris juist is, valt op dat hij een geloof of levensbeschouwing als een ‘vermomming’ ziet en het gebruik van een apparaatje zoals de IPad als het eigenlijke werk. 

Overdracht van kennis is nooit waardenvrij

Ook in andere uitingen van de staatssecretaris komt naar voren dat hij een geloof of levensbeschouwing ziet als een bijkomstig accent bij datgene waar het eigenlijk om gaat: onderwijs als het opdoen van kennis en vaardigheden. Dat maakt een school tot een doorgeefluik van waardenvrije kennis en een oefenterrein voor technische vaardigheden. 

Toch kan die overdracht van kennis en vaardigheden in feite nooit waardenvrij zijn. Ook een heel technische, ‘waardenvrije’ presentatie van kennis en vaardigheden getuigt in feite van een onderliggende visie , een bepaald wereldbeeld.

Godsdienstige uitingen teruggedrongen

De plannen van de staatssecretaris met betrekking tot het onderwijs worden af en toe mooi verpakt als het geven van meer zeggenschap aan de ouders. Dat is goed bedacht, want de betrokkenheid van ouders is een thema dat juist in het confessionele onderwijs een belangrijke rol speelt. Vrijheid van de ouders in de keuze van scholen en scholen als hulp biedend aan de ouders zijn bijvoorbeeld vaste uitgangspunten in het katholieke sociaal denken. 

Toch lijken de plannen eerder te passen in een bredere neoliberale inzet om godsdienstige overtuigingen van het maatschappelijke speelveld te verdringen. Deze inzet wordt vaak gepresenteerd als het bevorderen van de vrijheid van de burgers of het serieus nemen van de scheiding tussen kerk en staat maar gaat in feite verder: veel maatregelen beogen het terugdringen van godsdienstige uitingen en pastorale zorg in media (het verdwijnen van de levensbeschouwelijke omroepen), gezondheidszorg  en onderwijs, terwijl tevens faciliteiten voor kerken ophouden te bestaan. De subsidiemogelijkheden voor het onderhoud van monumentale kerkgebouw bijvoorbeeld, zijn in de achter ons liggende jaren sterk verminderd, terwijl het beleid dat het onverhoeds verlenen van een gemeentelijke monumentale status aan een kerkgebouw mogelijk maakt, onverminderd doorgaat. 

Een ander voorbeeld: Er zijn geen regelingen getroffen om pastorale zorg voor vluchtelingen mogelijk te maken, tot nu toe is het niet mogelijk gebleken om tot toelating van gecertificeerde geestelijk verzorgers in de vluchtelingenopvang te komen en geestelijke verzorgers die als zodanig kenbaar zijn worden – zo is de ervaring – uit de opvang geweerd. Deze voorbeelden zouden met andere kunnen worden aangevuld en zij wijzen alle in de richting van een scheiding van kerk en staat in de zin van “laïcité”.

Tegelijkertijd wordt vaak gewaarschuwd tegen een fragmentarisatie - “verzuiling” – van de samenleving , die door het confessioneel onderwijs zou worden bevorderd.

Waarden uitdragen vanuit gelovige achtergrond

Maar juist het omgekeerde lijkt het geval: 53% van de allochtone leerlingen zit op een bijzondere school, 47% op een katholieke of protestants christelijke school, hoewel de grootste concentraties van allochtone leerlingen in de grote steden te vinden zijn, waar openbare scholen goed vertegenwoordigd zijn. 

Bijna alle katholieke scholen hebben leerlingen van niet-Nederlandse afkomst; zij hebben geen aannamebeleid dat deze leerlingen uitsluit. Voor het katholieke concept van onderwijs is het van belang dat de school open staat voor leerlingen vanuit allerlei achtergronden, niet missionerend is, maar wel vanuit de eigen gelovige achtergrond waarden uitdraagt, zoals: vergeven, het goede doen, naastenliefde, bouwen aan een betere wereld en leven vanuit hoop en vertrouwen. 

De nieuwe verzuiling: arm en rijk

De fragmentarisering van de samenleving vindt niet plaats langs de lijn van de oude verzuiling, maar veeleer langs de lijnen van arm en rijk, zwart en wit, goed presterend of slecht presterend, deel uitmakend van de seculiere samenleving of daar niet in participerend en daarvan afgekeerd en dit in samenhang met ghettovorming. Dit zijn lijnen die zich ook naar het onderwijs vertalen. Het is juist op deze fragmentarisatie dat de samenleving een antwoord moet vinden.

Leren keuzes maken

Tegelijk zijn het de waarden die vanuit een (godsdienstige) levensovertuiging worden aangereikt en beleefd, die een dialoog in de samenleving tot stand kunnen brengen, die een kloof kunnen overbruggen en mensen kunnen helpen zich te integreren. Het onderwijs heeft een taak om eraan bij te dragen dat mensen kunnen integreren in de samenleving, niet door hen allen seculier te maken, maar door hen te helpen te leren reflecteren op waarden en hun eigen inbreng in de samenleving te hebben. 

Prof. dr. Joep Dohmen schreef in de conclusie van zijn artikel in het laatste nummer van Narthex (godsdienstpedagogisch tijdschrift voor levensbeschouwing en educatie, red): De jongeren “worden tegenwoordig geacht actor te zijn, over zichzelf te beschikken en verantwoordelijkheid te dragen voor hun eigen keuzes. De tragiek van het liberalisme is echter dat het niet leert om goede van verkeerde inmenging te onderscheiden. Veel erger nog: we missen de moed om jongeren te begeleiden bij het vormgeven van hun positieve vrijheid” (“De noodzaak van Bildung in het onderwijs”, in: Narthex 16(2016), nr. 1, pp. 27-34, hier: p. 34). We slagen er in onze maatschappij te weinig in een waarden-kader mee te geven.

Bewust en open

In een stadswijk waar fragmentarisatie volop kans heeft gekregen, waar regelmatig het etiket “ghetto” op wordt geplakt, kan juist die confessionele school bijdragen om dat patroon te doorbreken, zoals bijvoorbeeld in de Haagse Schilderswijk gebeurt door de protestants christelijke Koningin Beatrixschool, die in het nieuws kwam als “een eiland van rust en stabiliteit in een roerig stadsdeel”.

Natuurlijk kan het bijzonder onderwijs, in ons geval de katholieke school, haar taak alleen waarmaken als zij zich bewust is van de betekenis van haar eigen identiteit, doordrongen is van de fundamentele waarden ervan en die op een tegelijk open en waarachtige wijze beleeft.

PO | VO | MBO | HBO | WO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs