U bent hier

Handhaving van de DBA opnieuw uitgesteld

Handhaving van de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties wordt uitgesteld tot 1 juli 2018.

De Wet DBA regelt hoe de Belastingdienst een arbeidsrelatie beoordeelt. De dienst toetst of er sprake is van een arbeidsovereenkomst dan wel een relatie opdrachtgever/opdrachtnemer (veelal zzp-er). 

Het doel is  vast te stellen of er loonheffingen en premies betaald moeten worden. Dat laatste is het geval als de Belastingdienst vindt dat er sprake is aan een arbeidsovereenkomst, ook al hebben partijen hun relatie zo niet gewild en benoemd. Op grond van het Burgerlijk Wetboek geldt dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst als voldaan is aan drie element: een gezagsverhouding, persoonlijke arbeid en loon. De rechtspraak heeft hier nadere invulling aan gegeven.

Arbeidsrecht versus praktijk

Over de handhaving van de wet die al is vastgesteld, is discussie ontstaan. Eén van de aandachtspunten is dat in sommige situaties de uitkomst van de regelgeving niet aansluit bij de in de praktijk gewenste uitkomst. Dit geldt in het bijzonder ten aanzien van de elementen persoonlijke arbeid en de gezagsverhouding. 
De vraag is óf respectievelijk hóe het arbeidsrecht aangepast kan worden zodat het beter aansluit bij de praktijk. 

Eind 2016 is er een rapport uitgebracht door de commissie Boot waarin verschillende knelpunten in de regeling  worden geconstateerd. 
Op 22 mei 2017 is een onderzoeksrapport verschenen van een interdepartementale ambtelijke werkgroep waarin tien varianten voor de beoordeling van arbeidsrelaties worden aangereikt. De varianten zijn ontwikkeld op basis van de volgende criteria: 

  • handhaafbaarheid
  • proportionaliteit
  • rechtszekerheid
  • ondernemersklimaat
  • regeldruk en administratieve lasten
  • bescherming van werkenden
  • arbeidsmarkt
  • budgettaire effecten

Uitwerking DBA aan nieuw kabinet

Het nieuwe kabinet moet aan de hand van het onderzoeksrapport gaan bepalen hoe de DBA wordt uitgewerkt. Maar het nieuwe kabinet is er nog niet. Daarom heeft de demissionair staatsecretaris besloten de handhaving van de wet opnieuw uit te stellen en wel tot 1 juli 2018.  

Dat betekent dat ook als de Belastingdienst van oordeel is dat uw relatie met een zzp-er een dienstbetrekking is, daarvoor tot 1 juli 2018 geen correctieverplichtingen of naheffingsaanslagen voor de loonheffingen dan wel boetes worden opgelegd. 
Uitgezonderd hiervan zijn situaties waarin sprake is kwaadwillendheid, dus als u opzettelijk een situatie van evidente schijnzelfstandigheid laat ontstaan of voortbestaan. Het gaat dan over gevallen van opzet, fraude of zwendel, situaties die evident de wettelijke kaders negeren.

Als u gebruik maakt van zzp-ers, houd dan de berichtgeving over de DBA in de gaten. Wij houden u op de hoogte.


PO | VO | MBO | HBO | WO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs