U bent hier

Gelijke-kansen-estafette - Frits Hoekstra zorgt voor extra fte op ‘kansenscholen’

"Ik voel me verantwoordelijk als ik die segregatiecijfers zie”, reageert bestuurder Frits Hoekstra op de Staat van het Onderwijs. “Maar ik weet dat ik het niet alleen kan en ook niet alleen verantwoordelijk ben.” Intussen schuift hij extra geld naar zijn scholen in achterstandswijken. 

De Inspectie constateert dat de sociaaleconomische segregatie in Nederland toeneemt en ziet ook dat deze vorm van segregatie in het christelijk en katholieke onderwijs relatief minder sterk aanwezig is. Verus houdt een gelijke-kansen-estafette: we delen voorbeelden van scholen die erin slagen de segregatie te verkleinen en kwaliteit te verbeteren.

Ja, het is voor scholen moeilijk om kinderen naar een hoger niveau te krijgen, zegt Hoekstra. Zijn Stichting Confessioneel Onderwijs Leiden heeft zeventien katholieke en protestants-christelijke basisscholen en twee scholengemeenschappen voor voortgezet onderwijs in Leiden en omgeving. Vier basisscholen daarvan zijn ‘kansenscholen’: er zitten veel kinderen op waarvan de ouders thuis een andere taal spreken dan Nederlands of niet zo hoog opgeleid zijn. 

Ouders begrijpen het onderwijssysteem niet of kennen de ambitie niet voor school en leren. “Segregatie zit natuurlijk niet alleen in het onderwijs”, weet de bestuurder. “Het is een maatschappelijk probleem dat je in de cijfers van de inspectie en in de school terugziet. Maar het onderwijs kan het verschil niet maken als je het niet met z’n allen doet.”

Doorfietsmoeder 

Tegelijkertijd begrijpt Hoekstra heel goed die moeder die met de bakfiets een kwartier doortrapt om haar kinderen naar die school te brengen, waarvan ze denkt dat het onderwijs er het beste is. “Ze is tegen segregatie, welgemeend en vanuit het hart. Maar de keuze voor jouw kind is een andere dan een politieke keuze. Als schoolbestuur kan ik niet zoveel.”

Kleinere klassen, taal en rekenen

Maar hij voelt zich aangesproken. “Ik denk dan: waar heb ik wél invloed op? Zorgen voor goede schooladviezen, voor extra aandacht, daar doe ik mijn best voor.” Daarom brengt Hoekstra extra formatie naar die vier scholen die dat nodig hebben. 

Zo is er één school bij die volgens de afspraken met haar leerlingenaantal minder dan 8 klassen zou mogen inrichten. Maar dankzij extra financiële ruimte zorgt SCOL ervoor dat er met kleinere klassen gewerkt kan worden. Andere scholen kregen extra mankracht zodat er meer tijd voor taal is. En dan zijn er nog scholen waarvoor Hoekstra, náást subsidie van de gemeente, geld vrijmaakt voor extra formatie. 

Geen scheve ogen

“Als SCOL willen we investeren in de kinderen die dat nodig hebben”, legt de bestuurder uit. “We zijn een groot bestuur, dus we kunnen het geld zelf goed verdelen.”

Er is geen sprake van scheve ogen bij de andere scholen. “Die snappen het. Die collega waar de moeders soms vechtend door de gang gaan, daar zijn de andere directeuren en docenten echt niet jaloers op. Zij snappen dat het werk op scholen in bepaalde wijken zwaar is.”

Hoekstra prijst zijn medewerkers. “De leerkrachten in deze scholen hebben een andere gedrevenheid, om het juist voor deze groep vol te kunnen houden. Dat is heel mooi om te zien.”

Zijn de kinderen op deze scholen geholpen met de extra middelen en fte? “Dat is moeilijk hard te maken”, bekent Hoekstra. “Je weet niet hoe het was geweest als je dit niet had gedaan. Ik zie wel dat kinderen in verhouding goede schooladviezen krijgen.”

Lees ook

Het IJsselcollege heeft álle leerwegen onder één dak

Jouw school in deze serie? Neem contact op met Hester van de Kaa!

 

PO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs