U bent hier

Einde aan willekeur BTW-plicht kindcentra

Btw-heffing maakt samenwerking in IKC’s duur. En bovendien was er sprake van willekeur: individuele belastingkantoren konden zelf beoordelen of over de diensten die scholen en kinderopvangorganisaties in een IKC aan elkaar verlenen btw geheven moest worden. Een onlangs verschenen handreiking biedt duidelijkheid in dit btw-doolhof.

Want hoewel zowel het verzorgen van onderwijs als kinderopvang een zogeheten btw-vrijgestelde prestatie is, moeten scholen en kinderopvangorganisaties wél btw in rekening brengen als ze diensten aan elkáár verlenen.

Samenwerken = kostenverhogend

De kinderopvangorganisatie waarmee je samenwerkt vangt jouw kleuters een uurtje per week op, of de peuters komen af en toe meedraaien in de kleuterklas. Óf je deelt een printer of administratieve ondersteuning. Op dat soort momenten moeten onderwijs- en kinderopvangorganisaties btw aan elkaar in rekening brengen. En die btw is niet aftrekbaar. Dus maakt de samenwerking kostenverhogend.

Willekeur

Hoe het precies zit met die btw-heffing was zo onduidelijk, dat belastinginspecteurs in verschillende regio’s er verschillend mee omgingen. “Wat bij het ene kantoor een fiscale eenheid was, was dat bij het andere kantoor niet”, vertelt bestuurder Claudia Doesburg van Un1ek onderwijs & kinderopvang. “Toen hebben we aan de bel getrokken bij het ministerie. Er mag geen willekeur meer plaatsvinden.”

Kindcentra2020 en belastingspecialisten stelden in samenwerking met de ministeries van Onderwijs, Sociale zaken en Financiën een handreiking op. In theorie, zegt Doesburg, is er niets veranderd, maar de regels zijn niet langer interpretabel. Un1ek heeft een holdingstructuur en is daarbij een fiscale eenheid. “Wij belasten dus nog wel kosten door, maar zonder btw. Maar als je geen fiscale eenheid bent, blijven dit lapmiddelen.”

In de handreiking wordt onderscheid gemaakt tussen twee samenwerkingsvormen:

  1. Contractuele samenwerking. Hierin kan personeel worden uitgewisseld met btw-vrijstelling mits:
    1. Er geen vergoeding wordt gevraagd voor het uitlenen van personeel, of:
    2. De medewerker een arbeidsovereenkomst sluit met zowel de onderwijsinstelling als met de kinderopvangorganisatie.

Er is nog een aantal andere uitzonderingen, die zijn beschreven in de handreiking

  1. Structurele samenwerking. Hierbij is er een personele unie gevormd door zowel het bestuur als de raad van toezicht van de onderwijsinstelling en de kinderopvangorganisatie.

Ingewikkelde kwestie

De handreiking is een stap dichter bij samenwerken in kindcentra, maar het blijft een ingewikkelde kwestie. De handreiking adviseert dan ook bij de btw-inspecteur na te vragen of de wijze waarop uw de samenwerking vormgeeft, leidt tot btw-heffing.

Dit is slechts één stapje om de vormgeving van IKC’s te vergemakkelijken, benadrukt Doesburg. Zo hebben scholen en kinderopvang nog te maken met verschillende cao’s en inspecties. “Maar inhoudelijk vind ik het ontwikkelrecht het meest belangrijk. Ieder kind heeft recht op opvang en onderwijs, vanaf de start. Dat moet niet afhankelijk zijn van de arbeidsmarkt.” Maar zover is het nog lang niet.

Hebt u vragen over het opzetten of verder vormgeven van een IKC? Neem contact op met governanceadviseur Jochem Duijnhouwer.

Wilt u uw ervaringen delen met anderen? Inspiratie opdoen in het opzetten van doorgaande leerlijnen? Samen met collega’s uit heel het land grenzen opzoeken? U bent van harte welkom bij onze community Doorgaande Leer- en Ontwikkelingslijnen! Governanceadviseur Dimitri van Hekken helpt u verder.

PO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs