U bent hier

Directeur Cito wil debat over beperking autonomie

De vergroting van de autonomie van schoolbesturen is doorgeschoten en heeft de afgelopen tien jaar geleid tot een verlies aan onderwijskwaliteit. Dat stelt Marten Roorda, directeur van het Cito, in zijn column op de website van zijn organisatie. Hij vindt het hoog tijd dat de reikwijdte van artikel 23 van de Grondwet ter discussie wordt gesteld.

De vergroting van de autonomie van schoolbesturen is doorgeschoten en heeft de afgelopen tien jaar geleid tot een verlies aan onderwijskwaliteit. Dat stelt Marten Roorda, directeur van het Cito, in zijn column op de website van zijn organisatie. Hij vindt het hoog tijd dat de reikwijdte van artikel 23 van de Grondwet ter discussie wordt gesteld.

Aanleiding voor zijn bespiegelingen over de autonomie van scholen is de kwestie rond het Niels Stensen College in Utrecht, tien jaar geleden. Rector Sjamaar verkondigde dat het beter was om deze noodlijdende school, waar hoofdzakelijk nog leerlingen van Marrokaanse komaf zaten, te sluiten.

De opvatting van de rector leidde tot veel publiciteit. Roorda in zijn column: "Het onderwerp was toen nog niet salonfähig. De rector kreeg de storm van politiek correct Nederland over zich heen. En zijn moedige uitspraken werkten als een zelfvervullende profetie. De naam van het Niels Stensen College in de prachtwijk Kanaleneiland (avant-la-Vogelaar) was naar de knoppen; leerlingen bleven weg en in 2003 ging de school, inderdaad, dicht."

Inmiddels rust er geen taboe meer op probleemwijken en probleemjongeren, constateert de Cito-directeur. Maar het probleem van tekortschietend onderwijs is nog niet opgelost, stelt Roorda, verwijzend naar de brandbrief van de onderwijswethouders van de G-4 over (zeer) zwakke scholen die niet door de overheid aangepakt (kunnen) worden.

Roorda pleit ervoor dat de rol van de overheid in dat opzicht wordt ersterkt. In zijn ogen gaat de overheid niet alleen over het 'wat', maar ook over het 'hoe'. Scholen kunnen zich, volgens Roorda, onttrekken aan hun verantwoordelijkheid, met een beroep op de grondwettelijke verankerde onderwijsvrijheid.

De Cito-directeur: "De autonomie van scholen is de afgelopen tien jaar een belangrijke oorzaak geweest voor kwaliteitsverlies. Maar dat is nog wél een taboe. Rector Sjamaar begreep al dat het artikel in de Grondwet over vrijheid van onderwijs hiermee te maken heeft. 'Maar aanpassing van artikel 23', zei Sjamaar destijds, 'is in Nederland ondenkbaar.' Ik zeg: laten we de discussie over de autonomie van het onderwijs aangaan."

>>Reageer op dit bericht

Reacties

Wat een grappenmaker. Heeft zeker niet voor de klas gestaan. Nu even serieus. Ik dacht dat de leerkracht weer mocht gaan lesgeven. Dat ze weer waardering zouden gaan krijgen. Als ik dit lees, gaan we weer rollend over de straat waarbij de leerkracht maar weer moet toekijken. (J.B. Gaasbeek, 4 november 2008)

--------------------

Mijn eerste reactie is: eng dat dit soort geluiden van cito komen. Ik vind juist dat 'cito' te veel als standaard gevolgd wordt. Geeft wel aan dat cito meer is dan een test, althans dat denken ze. Ik vind dit soort reacties te ver gaan. (Wim Huiting, 3 november 2008)

--------------------

Ik zou graag wat minder autonomie van cito willen, soms kloppen de toetsen niet met het onderwijsaanbod van de methodes. Maar ja cito wil natuurlijk ook groter groeien. Let wel ik ben een groot voorstander van het leerling volgsysteem, maar niet van de daaruit voortvloeiende consequenties voor leerkrachten. Zij mogen namelijk alles zelf oplossen, invullen, uitdenken en krijgen daarbij weinig tot geen praktische ondersteuning of tijd. Leerkrachten richten zich tegenwoordig noodgedwongen meer op het halen van de cito norm dan op inhoudelijk onderwijs. Zij worden namelijk afgerekend door schoolleiding en inspectie op cito-scores, niet op of zij een kind met echtscheidingsproblemen, laag IQ, autisme, adhd etc. verder brengen in zijn ontwikkeling. Ook blijft het een feit dat de leerkracht nog steeds maar één hoofd en twee handen heeft, terwijl de problematiek diverser is geworden, de groep niet kleiner, de papierhandel om onderwijs ondersteunend personeel aan het werk te houden enorm groot is. (Francis Hertzberger-Erven, 1 november 2008)

PO | VO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs