U bent hier

D66 en CDA in duel over terugdringen overheidsinmenging

Oppositiepartijen D66 en CDA trekken vaak samen op om overheidsinmenging in het onderwijs te bestrijden. Toch hebben ze op elkaars inzet daarvoor het nodige aan te merken, bleek in een gesprek met de Kamerleden Van Meenen (D66) en Rog (CDA) tijdens de algemene ledenvergadering van Verus.

Zo vindt Rog het onbegrijpelijk dat D66 samen met de SP een initiatiefvoorstel voor een maximale klassengrootte in het po indient – volgens het CDA-Kamerlid een aantoonbaar ineffectief middel om de onderwijskwaliteit te verhogen. Het pleidooi van D66 voor een acceptatieplicht is aan Rog niet besteed.

Geen toetsen maken met luier om

Ook wil het CDA niet voorschrijven hoe schoolbesturen een betere aansluiting tussen voorschool en basisonderwijs regelen, terwijl D66 pleit voor ontschotting. “Het CDA heeft altijd ambivalent gestaan tegenover het weghalen van het schot met het argument dat je peuters niet moet lastigvallen met school”, zei Van Meenen. D66 wil dat kinderen al op jongere leeftijd “de kans krijgen om aan hun talenten te werken”. Dat betekent volgens Van Meenen overigens niet dat dreumesen straks “met hun luier om toetsen zitten te maken”.

Salafistenschool

Van Meenen verweet Rog op zijn beurt dat het CDA de vrijheid van onderwijs te veel wil inperken. Wat D66 betreft moeten salafisten bijvoorbeeld een school kunnen stichten. Voor het CDA is dat een brug te ver. “Wij willen geen scholen die geïnspireerd worden door een antidemocratische ideologie”, zei Rog. Volgens Van Meenen legt het CDA daarmee “de bijl aan de wortel van de vrijheid van onderwijs”.

Op het punt van het stichten van nieuwe scholen is “artikel 23 bijna dood”, constateerde Van Meenen. Zo moeilijk is het om een nieuwe school te beginnen. Met het wetsvoorstel waarmee staatssecretaris Dekker daar iets aan wil doen, maken Van Meenen en Rog echter korte metten. “Het plan-Dekker deugt niet”, aldus Rog. “Het leidt tot pop-up-scholen.” Ook Van Meenen vreest dat het de deur openzet voor “cowboys die op elke straathoek een nieuwe school willen beginnen”.

Nieuw scholenpalet

Van Meenen denkt dat er ook zonder Dekkers wetsvoorstel een nieuw onderwijslandschap zal ontstaan als gevolg van de initiatiefwet waarvan hij samen met Rog en Bisschop (SGP) de architect is. Die beperkt het inspectietoezicht tot de deugdelijkheidseisen.

Daarmee komt er volgens Van Meenen veel meer ruimte voor het eigen verhaal van de school. “Er zijn scholen in dit land die geen eigen verhaal meer hebben. Mijn ervaring is dat hoe sterker de identiteit van de school, des te sterker het eigen verhaal. Ik ben dan ook voorstander van een stevige identiteit en tegen afschaffing van artikel 23.”

Naarmate een school in het kader van het nieuwe inspectietoezicht nadrukkelijker met een eigen verhaal komt, zal ook blijken hoe dat zich verhoudt tot de formele grondslag op grond waarvan de school ooit is gesticht. “Wellicht ontstaat op die manier een ander scholenpalet.”

PO | VO | MBO | HBO | WO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs