U bent hier

Complexiteit vernieuwing MBO zwaar onderschat

De complexiteit van de vernieuwing van het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) door invoering van het competentiegericht onderwijs (cgo) is ernstig onderschat. Dat is een van de verklaringen waarom deze operatie, die in 2010 zijn beslag moet krijgen, tot nu toe moeizaam is verlopen. Toch is de balans van deze ingrijpende vernieuwing op dit moment per saldo positief, 'het glas is halfvol'.

De complexiteit van de vernieuwing van het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) door invoering van het competentiegericht onderwijs (cgo) is ernstig onderschat. Dat is een van de verklaringen waarom deze operatie, die in 2010 zijn beslag moet krijgen, tot nu toe moeizaam is verlopen. Toch is de balans van deze ingrijpende vernieuwing op dit moment per saldo positief, 'het glas is halfvol'.

Dat is de conclusie die het Bureau Onderzoek en Rijksuitgaven van de Tweede Kamer trekt, na onderzoek naar de implementatie van het cgo tot dit moment.

In opdracht van de vaste kamercommissie van Onderwijs is er een breed onderzoek gedaan. Het invoeringsproces, dat in 2004 als 'herontwerp mbo' in gang is gezet, is beoordeeld aan de hand van het toetsingskader onderwijsvernieuwingen, zoals dat door de Commissie Dijsselbloem is ontwikkeld. Populair gezegd is gekeken of het nieuwe onderwijs in het mbo wel 'Dijsselbloem-proof' is. De in totaal vier deelrapporten zijn kritisch over de uitkomst van die toetsing.

Alle betrokken partijen (bewindslieden, Tweede Kamer, instellingen, werkgevers) hebben in de loop der jaren zware steken laten vallen. Maar tegelijkertijd constateert de rapporteur dat er voor de invoering van het competentiegericht onderwijs brede steun bestaat.

Wel zijn met name docenten en studenten erg kritisch over de wijze waarop het nieuwe onderwijs in de praktijk vorm krijgt. Bij veel docenten is er ook onvrede over het feit dat ze te weinig bij de onderwijsvernieuwing betrokken zijn. Op dit moment volgt al ongeveer 70 procent van de mbo-studenten onderwijs dat op de nieuwe leest geschoeid is.   Op de volgende onderdelen is het invoeringsproces tekortgeschoten:

  • Er is geen wetenschappelijk onderzoek dat bewijst dat het cgo een beter resultaat oplevert dan het traditionele beroepsonderwijs
  • Het draagvlak onder docenten en studenten is op zijn minst niet eenduidig
  • Het (bestaande) op eindtermen gerichte onderwijs is niet systematisch geëvalueerd
  • Er zijn geen beleidsalternatieven overwogen
  • Neveneffecten en samenhang met overig beleid zijn niet goed geëvalueerd

In het rapport worden drie oorzaken aangewezen voor de problemen met de vernieuwing van het mbo:

  • De staatssecretaris had niet vanaf het begin de regie op de beleidsvorming en de invoering.  Sinds 2007 heeft de huidige staatssecretaris Van Bijsterveldt in dat opzicht overigens de touwtjes wel strakker aangetrokken, met positieve effecten als gevolg.
  • Een gebrekkige afstemming tussen de bij de beleidsvoering betrokken actoren.
  • Een gebrekkig besef van de context waarbinnen de invoering van het cgo zijn beslag moet krijgen. Onder meer wordt gedoeld op de veranderende studentenpopulatie (meer allochtonen, lagere instroomniveaus) en de schaalvergroting in het mbo.

Staatssecretaris Van Bijsterveldt heeft in een eerste reactie op het onderzoek laten weten dat het proces gewoon door kan gaan en dat 2010 nog altijd haalbaar is. Een meerderheid van de Tweede Kamer denkt dat enig uitstel nodig is. De SP, daarin bijgevallen door Beter Onderwijs Nederland, vindt dat de vernieuwing van het mbo gestopt moet worden. 

Toelichting op cgo Het bestaande, op eindtermen gerichte beroepsonderwijs legt sterk de nadruk op het ontwikkelen van bepaalde vaktechnische vaardigheden of handelingen. Het (nieuwe) competentiegerichte beroepsonderwijs voegt daar het vermogen aan toe om zich als werknemer aan te kunnen passen aan veranderende omstandigheden in het werk en in de samenleving.

Een competentie kan worden opgevat als een combinatie van kennis, vaardigheden en houding, op basis waarvan mensen in voorkomende situaties adequaat, gemotiveerd, proces- en resultaatgericht kunnen handelen.

MBO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs