U bent hier

‘Als je school slechts een beperkte bubbel is van de maatschappij, kun je je later niet inleven in elkaar’

In de afgelopen periode sprak Verus een aantal leden over het thema sociaaleconomische segregatie. Het is een onderwerp dat volop in de belangstelling staat en we waren benieuwd hoe dit op scholen zichtbaar en voelbaar is. Deze leden vinden het belangrijk dat het onderwijs attent is op deze vorm van segregatie en daar, binnen de mogelijkheden die er zijn, een goede rol in speelt. Daarbij is duidelijk dat scholen hier op verschillende manieren mee te maken hebben en er ook hun eigen oplossingen voor bedenken. De komende tijd brengen we een aantal scholen in beeld die daar iets van laten zien.

In deze tweede aflevering het Kindcentrum Sittard van Stichting Kindante waar we spraken met directeuren Jolanda Kleyn en Tino Lardinois. En we laten docente Susanne Suijkerbuijk, ouder Joyce Martens en leerling Liz aan het woord.

Stichting Kindante maakt samen met enkele andere partijen onderdeel uit van de coalitie tegen segregatie van het ministerie van OCW. ‘’We zijn drie jaar geleden begonnen om verbinding te maken en gelijke kansen voor kinderen in dit stadsdeel van Sittard te bieden. We kwamen in een situatie te zitten waarin twee scholen onder de opheffingsnorm kwamen te zitten en eentje waarbij het leerlingenaantal wel goed was. Doordat de scholen in dezelfde wijk stonden, hebben we met elkaar verkend hoe het zou zijn als we er één groot Kindcentrum van zouden maken’’, vertellen directeuren Jolanda Kleyn en Tino Lardinois.

Armoedegrens

Door het fuseren in een groot Kindcentrum is er een groter volume waarmee de middelen om de kansen voor kinderen te vergroten ook voor handen waren. In stadsdeel Sittard-Oost helpt de stichting nu om de leefomgeving rijker te maken door de wijk naar binnen te halen en de kinderen naar buiten te laten gaan. Een grote samenwerking om preventief meer onderwijs aan te bieden dan gebruikelijk is.

‘’Ik denk dat ongeveer 30% van ons leerlingenaantal onder de armoedegrens valt’’, vertelt Lardinois. ‘’Dat is een zorgelijk percentage waarbij het juist zo belangrijk is dat je kansen biedt voor deze kinderen.’’ Docente Susanne Suijkerbuijk vult aan: ‘’Door samen te werken met ouders, de wijk en kindpartners hopen we zo een leefomgeving te creëren waarin iedereen kan groeien en kansen kan benutten.’’

De wijk erbij betrekken

De stichting werkt met een buurtaanpak, waar behalve het onderwijs, de kinderopvang en zorg ook de gemeente en buurtverenigingen meewerken. Een van de resultaten hieruit is Wereldtijd. Tijdens Wereldtijd mogen de leerlingen van het Kindcentrum hun interesses of talenten verder ontwikkelen bij verschillende activiteiten. Hierin mengen leerlingen van verschillende groepen met elkaar om ook de verbinding te zoeken.

Onderdeel van Wereldtijd zijn koken, kunst, sport en muziek. De kartrekker hiervan is docente Susanne Suijkerbuijk, die tevens haar dochter Liz op de school heeft. ‘’Dit aanbod is voor veel kinderen niet vanzelfsprekend. Ouders zien het nut niet om het buiten schooltijd aan te bieden. Op het moment dat je dit onder schooltijd meeneemt, kan elk kind daarvan profiteren.’’

Suijkerbuijk is in elk geval erg enthousiast over Wereldtijd en heeft hierbij ook goed gekeken naar wat er in de wijk te vinden is. ‘’Ik heb dichtbij gekeken naar wat er is en ben op die manier mensen gaan benaderen. Eerst met veel vrijwilligers, maar uiteindelijk ook met veel verenigingen, clubs en zzp’ers. Op dit moment werk ik met zestig mensen om Wereldtijd te organiseren. Dit varieert van sport en cultuur, een stukje zorg en sociaal-emotioneel welzijn.’’ Ook regelt de school gezonde lunches, waardoor elk kind dagelijks een gezonde maaltijd voorgeschoteld krijgt. De lunches worden overigens ook weer als onderdeel van Wereldtijd door de bovenbouwleerlingen gemaakt. Daarnaast wordt er tijdens Wereldtijd ook de verbinding gezocht met ouderen en mensen met een verstandelijke beperking, zodat leerlingen ook iedereen leren waarderen en accepteren.

De wereld die samenkomt

Joyce Martens is ouder en heeft drie kinderen op het Kindcentrum in Sittard zitten. ‘’Ik heb er bewust voor gekozen om na de fusie op het Kindcentrum te blijven vanwege de verschillende sociaaleconomische achtergronden van de kinderen. Je leert hier met elkaar leven, en dat is nodig want je komt elkaar in de toekomst toch ook tegen. Het is mooi dat ze in aanraking komen met kinderen uit verschillende sociaaleconomische lagen. Dat gemengde zie ik echt als positief punt. Ook een groot pluspunt is Wereldtijd: mijn kinderen vinden het geweldig’’, vertelt ze.

Liz, de dochter van Susanne Suijkerbuijk, is ook razend enthousiast over Wereldtijd. ‘’Hierdoor doe ik weer andere dingen dan enkel even binnen en buiten zitten. Ik doe bijvoorbeeld wandelkunde, waarbij er dieren op het schoolplein komen die je kunt aaien. Daarnaast is er koken, blokfluitles, schilderen, knutselen en al dat soort dingen.’’ Sommige van deze activiteiten volgt Liz ook met kinderen uit andere groepen. ‘’Dan kom je weer nieuwe kinderen tegen, waar je mee optrekt. De ene keer blijf ik bij mijn eigen groep en dan ga ik weer met kinderen uit groep 5 of 6 om.’’

Ook Lardinois benadrukt het aspect van kinderen uit verschillende sociale lagen die elkaar tegenkomen. ‘’We hebben best een brede spreiding. We hebben veel gezinnen waar het normaal is om voor te lezen en culturele uitstapjes te maken, maar ook gezinnen waarbij dit om wat voor reden dan ook niet vanzelfsprekend is. Wat Joyce ook aanhaalt: als je school maar een beperkte bubbel is van de maatschappij en je komt straks op het vo of in het bedrijfsleven, dan kun je je niet inleven in elkaar’’, zegt Lardinois. Hij onderstreept de noodzaak om te weten wat er speelt en leeft, de verbinding met elkaar aan te gaan en open te staan voor anderen. ‘’En dat op die manier op onze school de wereld samenkomt, dat vind ik erg mooi.’’

Taalschool

Binnen Kindcentrum Sittard is eveneens een taalschool voor kinderen met een taalachterstand. Het grootste gedeelte hiervan zijn kinderen met een migratieachtergrond, omdat hun ouders arbeidsmigranten of vluchtelingen zijn of omdat zij bij de NAVO-basis werken. ‘’Deze kinderen krijgen voor 1 of 2 jaar een taalbad, waar eerst de focus ligt op wennen en landen. Hier wordt ook traumasensitief gewerkt. Een stukje begrip van waar kinderen vandaan komen en daarnaast de focus op wat voor land Nederland is, taal en rekenen’’, leggen Lardinois en Kleyn uit. Het gaat volgens hen om een kwetsbare doelgroep waarbij je in eerste instantie niet teveel onverwachte dingen moet proberen. Na dit kleinschalige onderwijs stromen de kinderen door naar het reguliere onderwijs, waarbij ook op de scholen van Kindante nauw verbinding wordt gezocht met een specialist die kinderen met Nederlands als tweede taal begeleidt.

Al met al blijven de rechten en kansen van het kind het uitgangspunt voor Kindante. ‘’Dit vormt de basis zonder dat we dit continu expliciet delen met ouders. Iedereen moet de mogelijkheid hebben om een mooie toekomst op te bouwen. Hierbij zijn gelijke kansen nodig zodat de kinderen zelf kunnen ontdekken waar ze gelukkig van worden en wat zij graag met hun toekomst willen doen’’, aldus Lardinois en Kleyn.

PO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs