U bent hier

Actieplan uit onderwijsveld. Den Haag heeft er wel oren naar

Stimuleer de verbetercultuur op scholen, laat toppers leraar worden en versterk de rol van de beroepsgroep. Die drie dingen zijn nodig om het Nederlandse onderwijs te verbeteren, zo schrijven negen leerkrachten. Ook vinden ze net als Verus dat teaching to the test moet worden tegengegaan.

Negen onderwijsspecialisten (leerkrachten en schoolleiders) schreven het vrijdag verschenen pamflet Samen leren: aanbevelingen uit het onderwijs samen met de onderwijswoordvoerders van de Tweede Kamerfracties van de VVD en PvdA. Mede-auteur en rector Ilja Klink zegt daarover in NRC: “De politici zeiden: jullie staan met je poten in de klei; jullie mogen het zeggen.”

Vanuit de praktijk

Verus vindt het positief dat er vanuit de onderwijspraktijk een visie met aanbevelingen is neergelegd, waar politici zich bij hebben aangesloten. Ook is positief dat de brede ontwikkeling van leerlingen centraal staat. Wij delen de analyse dat toetsen en druk vanuit de overheid niet mogen leiden tot ‘teaching to the test’ en verschraling van het onderwijsaanbod. 

De notitie stelt daarnaast dat lerarenteams schoolspecifieke visies op onderwijs moeten ontwikkelen, als onderdeel van een verbetercultuur. Verus wil dit graag onderstrepen, waarbij zo’n visie wel gedragen moet worden door de hele schoolgemeenschap.

Rol onderwijsinspectie

Één van de initiatiefnemers van de notitie, Rene Kneyber, docent op Het Oosterlicht College, liet in de Volkskrant weten dat hij het liefst ook de onderwijsinspectie zou afschaffen. Dat wil hij, omdat hij vindt dat “scholen waar een professionele cultuur heerst zelf de kwaliteit in de gaten kunnen houden”. 

Dit idee mag Samen leren dan niet in deze vorm gehaald hebben, toch wekt het plan wel de indruk dat initiatiefnemers en Kamerleden een meer beperkte rol voor de inspectie zien. Zo schrijven ze: “De inspectie heeft bij scholen die aan de basiskwaliteit voldoen voornamelijk nog de rol om te bewaken dat de verbetercultuur in de praktijk ook echt functioneert.” 

PvdA-Kamerlid Loes Ypma zegt in NRC: “Het gaat erom dat scholen een visie ontwikkelen en die delen met leraren, leerlingen en ouders. Als die visie deugt en de basiskwaliteit op een school is in orde, dan kan de onderwijsinspectie wat mij betreft behalve de examenresultaten veel minder op de cijfertjes letten. Scholen moeten de ruimte krijgen.”

Verus steunt deze lijn en vindt het opvallend dat de PvdA- en VVD-Kamerleden met deze notitie ook een meer beperkte rol voor de inspectie voorstaan. Dit staat haaks op het voorstel om de inspectie juist een zwaardere rol te geven door voortaan ook de predicaten ‘voldoende’ en ‘goed’ aan scholen toe te kennen, in de nota Toezicht in transitie. Met die plannen gaat de overheid ook naar ons oordeel veel te diep in de keuken van het onderwijs kijken en persen ze de scholen in een overheidsmal.

Curriculum van de toekomst

Een ander onderdeel van de voorgestelde verbetercultuur is het vormgeven van een nieuw en uitdagend curriculum, waarbij ook (toekomstige) werkgevers betrokken moeten worden. Verus vindt het positief dat scholen in dialoog gaan met maatschappelijke partners. In dat kader wijzen we wel op het risico van instrumentalisering van onderwijs voor economische belangen. 

Als het gaat om het curriculum van de toekomst en 21st century skills vindt Verus dat godsdienstige, levenbeschouwelijke en ethische vorming daar bij hoort. Het is jammer dat dit door de opstellers niet genoemd is.

11 actiepunten

In Samen leren staan 11 actiepunten:

  1. Neerzetten van een breed gedeelde, hoge ambitie op leerlingdoelen, kwaliteit van leraren en verbetercultuur op scholen. Er moet een ‘breed gedeelde set Nederlandse onderwijsdoelen’ komen. Docenten zijn de belangrijkste factor in het onderwijs en moeten hun bevoegdheid, vakkennis, kwaliteit van hun lessen en professionele vaardigheden op orde hebben. 
  2. Vormgeven door leraren van een nieuw en uitdagend curriculum, met inbreng van oud-leerlingen en werkgevers. Er vindt momenteel geen systematische vernieuwing van het curriculum plaats. Inbreng van de maatschappij is nodig om de contouren van een nieuw curriculum vorm te geven.
  3. Verdiepen van de kennis en vaardigheden van VO-leerlingen, waarbij het noodzakelijk is dat leerlingen minder vakken kiezen. Alleen zo zijn docenten in de gelegenheid om het leerproces van hun leerlingen intensief te begeleiden. 
  4. Scholen ondersteunen in het creëren van een verbetercultuur. Een lastige opgave, waarvoor een transformatieaanpak nodig is. Een overzicht van zulke aanpakken komt er via het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek.
  5. Loskoppelen van toetsen die kwalificaties van leerlingen veilig stellen van toetsen die leraren in staat stellen het onderwijs te verbeteren. De auteurs onderscheiden drie toetsniveaus: 
    • Formatief - geeft inzicht in vorderingen van leerlingen, werkt als benchmark voor docenten en voor de inspectie de basis voor het beoordelen van opbrengstgerichtheid.
    • Summatief – stelt kwalificaties van leerlingen veilig
    • Systeemnniveau – vooruitgang voor het hele land meten en analyseren
  6. Transparantie creëren, verantwoording afleggen en leren in ‘peer review’ vorm met leraren, schoolleiders en bestuurders. Een combinatie van ‘pressure en support’ is nodig. Scholen stellen voor en over zichzelf een gebalanceerde rapportage op, de inspectie bewaakt dat de verbetercultuur in de praktijk ook echt functioneert.
  7. Inspirerende opleidingen met strenge toelating. Dat moet gaan gelden voor docentenopleidingen en pabo’s. 
  8. Arbeidsvoorwaarden aanpassen zodat deze aantrekkelijker worden voor uitstekende leraren. Geen stevige stellingname over de beloning, maar wel plannen over afschaffing van het taakbeleid, verder flexibilisering van de onderwijstijd voor leerlingen, flexibilisering van de lestijd en minder vakken op het VO. Werkplezier neemt toe. “We toetsen met als doel ontwikkeling en verbetering, niet om af te rekenen.” En er worden alternatieve carrièrepaden ontwikkeld. 
  9. Centraal stellen van het lerarenregister als het gaat om de opleiding bevoegdheid en loopbaan van leraren. “Dit register laat zien of leraren het verdienen om onze kinderen te mogen opleiden.” Leraren die zich onvoldoende ontwikkelen, worden gestimuleerd uit te stromen en in een uiterst geval kan de beroepsgroep de lesbevoegdheid van de leraar via een tuchtrechtprocedure ontnemen.
  10. Introduceren van een innovatiefonds waar individuele leraren gebruik van kunnen maken.
  11. Omvormen van de Onderwijscoöperatie tot onafhankelijke vereniging van leraren. Zodat professionalisering zich niet vermengt met het behartigen van arbeidsvoorwaarden. Leraren worden automatisch lid van deze vertegenwoordiging.
PO | VO | MBO | HBO | WO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs