U bent hier

5 opmerkelijke zaken uit Slobs reactie op Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen

Senatoren stelden minister Slob schriftelijke vragen over het wetsvoorstel Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen. In de beantwoording staan enkele opmerkelijke zaken.

De Eerste Kamer boog zich afgelopen dinsdag over de antwoorden op de schriftelijke vragen die zij gesteld had aan de regering.

Relatief veel van de vragen gaan over de effecten van het wetsvoorstel op de segregatie en kansengelijkheid in het onderwijs. Andere thema’s waarop de minister wordt bevraagd zijn onder meer de relatie met het lerarentekort, de pluriformiteit van het scholenbestand, de inhoud en de waarde van de kwaliteitstoets vooraf, het beslisproces van de minister met betrekking tot het in aanmerking brengen voor bekostiging van nieuwe scholen.

Enkele opmerkelijke zaken uit de antwoorden van de minister:

  1. De minister stelt dat naast godsdienst en levensbeschouwing ouders en leerlingen veel andere motieven hebben bij het kiezen van een school. Hij verwijst daarbij ook naar het onderzoek dat in 2016 is gedaan door TNS NIPO. De belangrijkste uitkomst van het onderzoek, dat in opdracht van Verus en de VGS werd uitgevoerd, is dat ouders in overgrote meerderheid (zeer) tevreden zijn met het bestaande scholenaanbod.
  2. Toen staatssecretaris Dekker een aantal jaar geleden met plannen kwam die tot een wetsvoorstel moesten leiden gaf hij aan dat het verlagen van de stichtingsnormen, waar vanuit de praktijk veel vraag naar was, een volgende stap zou zijn na het schrappen van het richtingbegrip bij schoolstichting. De antwoorden van minister Slob op de vragen van de Eerste Kamer lijken een andere kant op te wijzen. De minister stelt dat de regering wil vasthouden aan de stichtingsnormen in verband met de doelmatigheid en het belang van “voldoende en duurzame belangstelling” voor nieuwe school.
  3. In antwoord op enkele vragen wijst Slob op een aantal interessante lopende onderzoeken: een onderzoek naar de voor- en nadelen van verschillende schaalgrootten in het onderwijs en een onderzoek naar het toelatingsbeleid van scholen. De resultaten van het laatste onderzoek worden voor komende zomer verwacht. Uit een uitgevoerde quickscan naar dezelfde materie blijkt overigens al dat het bij toelatingsbeleid slechts in een zeer beperkt aantal scholen gaat om afwijzing van leerlingen op levensbeschouwelijke gronden.
  4. Een van de vragen vanuit de Senaat met betrekking tot de kwaliteitstoets vooraf gaat over het toezicht op het burgerschapsonderwijs. Gaat dit ook over de inhoud van het onderwijs. Ja, zegt de minister en hij verwijst daarbij naar het ondanks ingediende wetsvoorstel met betrekking tot de versterking van de burgerschap. In de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel staat dat het toezicht terughoudend zal zijn. Dit wordt niet verder concreet gemaakt.
  5. Een aantal keer wijst de minister op de mogelijkheid van gemeenten om voorafgaand aan zijn bekostigingsbesluit een zienswijze met betrekking tot de nieuwe school kenbaar te maken. Deze mogelijkheid is door de Tweede Kamer via een amendement aan het wetsvoorstel toegevoegd. Volgens de toelichting op het betreffende amendement kan de zienswijze over allerlei onderwerpen gaan, ook over onderwerpen waar de gemeente niets over te zeggen heeft. Verder is onduidelijk wat de rol van een ingediende zienswijze is in het besluitvormingsproces van de minister. Wat Verus betreft moeten onduidelijkheden hierover weggenomen worden.

Doel van het wetsvoorstel

Het wetsvoorstel Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen (MRNS) vergroot volgens de regering de vrijheid van onderwijs door van nieuw te stichten scholen niet meer te eisen dat zij een erkende richting hebben. Daardoor kunnen bijvoorbeeld ook pedagogische concepten als basis dienen om een school te beginnen. Daarnaast introduceert MRNS een kwaliteitstoets voorafgaand aan de stichting. Daarmee wil de regering voorkomen dat er scholen starten waarvan van tevoren al duidelijk is dat zij geen goede kwaliteit zullen gaan leveren. Het wetsvoorstel heeft een lange voorgeschiedenis. Het werd uiteindelijk op 1 oktober jl. door een ruime meerderheid en met de nodige amendementen aangenomen door de Tweede Kamer.

 

 

PO | VO

Aanmelden voor de Verus nieuwsbrief

Iedere week het laatste nieuws uit het onderwijs