U bent hier

Waar is onderwijs eigenlijk voor nodig? - deel 7

Deel 7 - Leraar, hoe doe jij dat?

In eerste afleveringen van deze feuilleton is een overzicht geboden van wat er gaande is in het onderwijs, waarover zo vaak wordt gezegd, dat het wordt geëconomiseerd. Er is gekeken naar het mechanisme daarachter, te weten het marktdenken, dat in ons leven een allesomvattende betekenis lijkt te hebben gekregen. In de vierde aflevering is gewezen op de gevolgen hiervan: gepersonaliseerd onderwijs. Een wat stoute gevolgtrekking wellicht, maar de inrichting van de moderne school lijkt wel door marktdenken te worden ingegeven. Hoe vergaat het de leraren intussen?

Berend Kamphuis, voormalig schoolbestuurder, tegenwoordig voorzitter van Verus en al eerder betrokken bij haar onderwijsdiscussie, signaleert een nieuw paradigma, een nieuw maatgevend denkkader voor kwaliteit van onderwijs. Bij elkaar genomen wordt dit uitgemaakt door een beperkt aantal kwantitatieve normen, waaronder bijvoorbeeld in enig jaar het percentage gediplomeerden van een school. Zo bezien is kwaliteit niet meer iets, dat je in de werkelijkheid aantreft, zoals een contactmoment tussen een leraar en een leerling, maar dat wat gemeten kan worden.

Als gevolg hiervan is het aanbod uniformer geworden, omdat bijzonderheden op een school, haar traditie en geschiedenis, de persoonlijkheden die er werken, buiten het beoordelingskader vallen. Ze tellen niet mee en zijn daarom niet relevant. De aandacht voor deze specifieke aspecten neemt vervolgens af. Alle ogen zijn immers gericht op dit kader. Eigenaardigheden worden eraan opgeofferd. Ze zijn als het ware buiten de orde verklaard. [Bronvermelding hier onderaan]

De sturende werking van het dominante denkkader is groot. Kamphuis beoordeelt dit als het werkelijke probleem. Het is niet de overheid als zodanig die het onderwijs in de weg zit, maar deze kwantitatieve benadering, waar wij naar zijn gaan leven. Het appèl ervan is duidelijk: toon eerst maar eens aan dat die andere manieren ook goed zouden zijn. Er is op deze manier angst en achterdocht gegroeid, meent Kamphuis. Maar leraren blijven bezig.

De werkelijkheid van onderwijs, die buitenstaanders doorgaans niet zien, is dat elke dag opnieuw een begin moet worden gemaakt en gezocht naar een opening van de dag, die mensen comfort schenkt, zodat jonge mensen kunnen leren. Daar is de school voor, een leefwereld is ze. Zoals Ingeborg Terlien, lerares in groep 8, het daarin doet. Zij vertelt:
“Elke dag begin ik op dezelfde manier. Ik vraag aan de klas: “Wie wil er iets kwijt?” Een gezamenlijk begin. Ik dwing hen om naar elkaar te luisteren. Ik wil hiermee saamhorigheid stimuleren. De leerlingen hechten aan dit vaste moment. Hun inbreng is soms aangrijpend. Over ouders die ’s nachts ruziemaken, bijvoorbeeld. Zoiets roept reacties van andere kinderen op. Die hebben ook zo’n ervaring. Ik probeer het gesprek algemener te maken. Waarom maken mensen ruzie? Ruzie is niet het einde. Maar ik vraag ze ook of zij bang zijn dat hun ouders uit elkaar gaan. Dan wordt er wel gehuild. Als dat gebeurt, troosten kinderen elkaar. Daarna gaan wij bijna altijd rekenen.” [Bronvermelding hier onderaan]

Haar leerlingen leren samen te leven en doordat zij samen leven en elkaar beïnvloeden, leren zij. Zij leren te luisteren en te spreken. Zij leren huilen, troosten en rekenen. Allemaal tegelijk en onlosmakelijk met elkaar verbonden. Ingeborg, die inmiddels is gepensioneerd, wil dat het allemaal goed gaat en probeert dat te bevorderen. Dat is wat zij kan, dat is wat zij inbrengt. Maar afdwingen dat het inderdaad goed gaat en er iets goeds tot stand komt, kan zij uiteraard niet.

We zien in deze lerares van groep acht een persoon bezig. Natuurlijk is zij op de hoogte van de inzichten in psychologische principes, didactische werkvormen, pedagogische theorieën. Zij weet wat zij moet doen en zij weet wat zij doet. Maar de elementen van kennis, vaardigheid en begrip zijn niet haar vertrekpunt. Zij brengt zichzelf in, met heel haar hart, heel haar ziel en heel haar verstand. Zij maakt daarbij gebruik van wat zij weet, wat zij kan en wat zij inziet. Maar ze valt er niet mee samen en haar inbreng laat zich er niet toe reduceren.

Haar collega Haitske van de Sande, een jonge lerares Engels, laat haar leerlingen zien dat je met Engels jezelf kunt vormen in het kennen van de wereld, het daar je eigen plaats in vinden en in het in vrijheid en verantwoordelijkheid bepalen hoe jij vanuit die plaats aan de toekomst wilt bijdragen. Zij vertelt:
“Ik trek de buitenwereld het klaslokaal in. Schrijfopdrachten uit de methode verander ik in echte correspondentie met buitenlandse leeftijdgenoten. Dit geeft meer zin, ze begrijpen waarom oefening echt nodig is. Bovendien komt er bij echte correspondentie meer kijken. Je moet veel meer nadenken over je eigen leven en hoe de ander leeft, bijvoorbeeld in Nieuw-Zeeland of Japan. Zo leg ik voor de leerlingen maar ook voor mezelf de lat al wat hoger en we zijn echt met het vak bezig. Dat zij echte, geschreven en verstuurde brieven terugkrijgen, betekent heel veel voor hen. Zeker in deze soms vluchtige digitale wereld, merk ik.” [Bronvermelding hier onderaan]

Dit is onderwijs op zijn best. Haar leerlingen verwoorden en delen hun eigen ervaringen met anderen en die anderen op hun beurt doen dat met hen. Er ontstaat een gemeenschap die van niemand is en waar niemand de dienst uitmaakt, maar waarin ieder een plaats vindt en aan anderen een plaats geeft. Zoals gezegd: ze ontstaat. En zo bouwt een samenleving zich op, zo krijgt de toekomst vorm. Door te leren hun leven te midden van anderen te verbeelden, die op hun beurt ook hun leven te midden van dat van anderen verbeelden, ontdekken jonge mensen hopelijk hun eigen plaats in de wereld en kunnen zij leren omgaan met verantwoordelijkheid. Daar zijn scholen voor: dat mensen meer mens worden.

Lees ook

Het klimrek op de foto die bij de afleveringen van dit vervolgverhaal is geplaatst, heeft de vorm van een veelvlak. Dit is een verwijzing naar de betekenis die eraan is gegeven in de zesde aflevering. Met dit beeld wordt uitgedrukt, dat waarheid tijdens een zoektocht kan worden gevonden, niet in eenrichtingsverkeer.
De afbeelding is van Klaus Scheiber.

Een overzicht van de bronnen die gebruikt zijn:

Deel 1

  • Ministerie van OC en W Grenzeloos leren Een verkenning naar onderwijs en onderzoek in 2010, 2001
  • J.W. Foppen Gistend beleid Veertig jaar universitaire onderwijspolitiek, 1989
  • Peter Scott The Crisis of the University, 1984

Deel 2

  • Stefan Collini Speaking of Universities, 2017
  • Wendy Brown Undoing the Demos Neoliberalism’s Stealth Revolution, 2015 (In een Nederlandse vertaling verkrijgbaar: Het ontmantelen van de demos De stille revolutie van het neoliberalisme, 2016)

Deel 3                       

  • Brown
  • Maarten Simons en Jan Masschelein De leerling centraal in het onderwijs? Grenzen aan personalisering, 2017

Deel 4

  • Brown
  • Simons en Masschelein
  • Hans Brügelmann Schule verstehen und gestalten, 2005
  • Helmut Fend Schule gestalten Systemsteuerung, Schulentwicklung und Unterrichtsqualität, 2008

Deel 5

  • Erik Borgman Een Tempel voor de Waarheid Notities over de rol en de taak van de universiteit in een post truth-cultuur – in de contemplatieve modus, 2018

Deel 6

  • Jan Dirk Imelman, Sieneke Goorhuis-Brouwer en Wilna Meijer Psychologie en pedagogiek van het jonge kind Over ontwikkeling, stimulering en vorming, 2019
  • Verus nieuwsbrief Hernieuwde bedoeling van onderwijsvrijheid bevrijdt schoolbestuurders uit hun spreidzit, 7 mei 2019

Deel 7

  • Verus nieuwsbrief, 7 mei 2019
  • Gert Biesta, Jan Bot en Nico Dullemans Leraar, hoe doe jij dat? Vakmanschap in beeld, 2017

 

Reacties

Door Frits Fraanje op 28 nov 2019 | 13:57

Ik ben blij met deze 7 artikelen over (bijzonder) onderwijs.
Mag ik erop wijzen, dat onze denominatieve afdelingen van de AOb (AOb Sint Bonaventura en AOb/CVHO) ook al lang deze zorgen over verschraling en economisering van het onderwijs delen? Wij zouden als verenigingen van leraren en ondersteuners graag veel meer samen met Verus optrekken, zoals we ook jarenlang hebben gedaan bij de organisatie en uitvoering van het Paascongres, dat helaas is afgeschaft. Bestuurders en onderwijsgevenden moeten sowieso veel meer samen optrekken voor de publieke zaak. We hebben immers hetzelfde doel?

Nieuwe reactie inzenden

Nico Dullemans

adviseur identiteit
0438 74 41 18