U bent hier

De leerling centraal in het onderwijs? - Deel 2

Identiteitsadviseur Nico Dullemans - De personalisering van het onderwijs leunt op de trendy opvatting dat de organisatie van het onderwijs en het leren zich moet voegen naar de aard van de leerling, denk daarbij aan talent en belangstelling. Twee Belgische onderzoekers, Maarten Simons en Jan Masschelein, stellen dat deze vernieuwingsgedachte moet worden begrensd omdat anders de eigen maatschappelijke opdracht van de school, haar onderwijspedagogische taak, in de verdrukking komt. Zij schreven daar een interessant boek over: De leerling centraal in het onderwijs? Grenzen van personalisering.

Leerling moet eigen bestemming vinden

Het eerste blog over dit boek bevatte een uitleg van de onderwijspedagogische taak. Deze houdt in dat iedere leerling de kans wordt geboden een eigen bestemming te vinden. Aan de hand van de aangeboden lesstof (het curriculum, zeg maar: de basisvorming) geeft de school iedere leerling de ruimte om zichzelf een vorm te geven. Zo kan de school ervoor zorgen dat niemand vastgebakken zit aan zijn aanleg, ouderlijk milieu of de maatschappelijke orde. Niemand is voorbestemd. Wie is daarop tegen?

Maar volgens Simons en Masschelein staat deze bijzondere en maatschappelijke taak van de school dus onder druk. Er is een beweging gaande waardoor het onderwijs binnenstebuiten wordt gekeerd. De school wordt verbouwd en veranderd in een ‘leeromgeving’, een plaats “voor de noden, belangen en geschiktheden van de individuele leerling”, zoals een Engelse onderwijsminister ruim tien jaar geleden deze omvorming omschreef. Waardoor is deze verandering in gang gezet en wat zijn de gevolgen? Dit tweede deel van het drieluik naar aanleiding van hun boek gaat hierover.

Radicale breuk

Het denken over onderwijs bewoog zich veelal binnen de lijnen van de driehoek leraar-leerling-curriculum. Het gebeurde wel dat de ene hoek meer accent kreeg dan de andere twee, maar de driehoek zelf bleef in takt. De drie samenstellende delen behielden hun eigen, gewaardeerde betekenis. Echter, deze grondvorm ontbreekt in het gepersonaliseerde onderwijs. Er is radicaal mee gebroken. De leerling staat centraal; leraar en lesinhoud zijn aan de behoefte van de leerling ondergeschikt gemaakt.

De oorzaak van deze breuk ligt buiten het onderwijs. Het zijn de progressieve politici geweest, die (in binnen- en buitenland) teleurgesteld raakten in hun verwachtingen van de overheid, de vakbonden en professionele werkers zoals leraren. Zij lieten hun vooroordelen ten opzichte van de werking van de markt varen en introduceerden dit mechanisme in de publieke dienstverlening, waaronder het onderwijs.

Op drie manieren staat het onderwijs onder invloed van economisch denken:

  1. Scholen worden doorgemeten en onderling vergeleken.
  2. Onderwijs gaat voortaan over competenties die moeten worden verworven.
  3. En de leerling wordt met andere ogen bekeken; hij moet een medeproducent van zijn eigen onderwijsprogramma worden.

Klanten moeten mee doen

Deze ommezwaai, die zo’n vijfendertig jaar geleden begon, viel samen met de opkomst van de ‘belevingseconomie’, die een poging is om nieuwe economische groei te bewerkstelligen. Dit gebeurt vooral door met behulp van psychologische inzichten systematisch op het gevoel van de klant in te werken. Marketing heeft een ontwikkelingssprong gemaakt.

Maar wie moet er worden bewerkt? Wie is die klant eigenlijk? Dankzij de enorme vlucht die het gebruik van de informatie- en communicatietechnologie heeft genomen, is het mogelijk om met behulp van de gegevens die wij tijdens ons verkeer op internet achterlaten, persoonlijke profielen van potentiële klanten samen te stellen. Aan de hand van het profiel dat van mij is gemaakt, wordt mij een semi-aanbod gedaan, want het is de bedoeling dat ik het aanpas en mijn behoeften nog beter laat spreken. Zo word ik een medeproducent. Voortaan koopt de klant iets waaraan hij een persoonlijke belevenis heeft verbonden en waar hij goede herinneringen aan bewaart. Dit dankzij de invloed die hij heeft gehad op de aard van het ‘ding’ dat uiteindelijk is aangeschaft.

Onderwijs personaliseren

Sinds geruime tijd is in de westerse landen de kritiek op de scholen niet van de lucht. Leerlingen zijn ongemotiveerd, leraren onmachtig. Taal- en rekenniveau dalen. In een poging om leerlingen hoger te laten presteren en hen meer te stimuleren is – geïnspireerd door de belevingseconomie – er een nieuwe visie op onderwijs en leren. De individuele leerling is consequent het vertrekpunt van wat er op school gebeurt. Dit gaat hand in hand met maatschappelijke verwachtingen ten aanzien van het onderwijs, zoals met name door de Europese Unie (EU) naar voren wordt gebracht. Kennis en competenties worden “basisgrondstoffen” genoemd en zijn nodig voor een “competitieve Europese kenniseconomie.”

Ook in de ogen van de EU zijn scholen niet effectief en efficiënt. Schoolverlaters zijn onvoldoende inzetbaar. Het is de bedoeling dat gepersonaliseerd onderwijs daar verandering in brengt.

Inzetbare schoolverlaters

De bouwstenen van dat op nieuwe leest geschoeide onderwijs (voortaan ‘leeromgeving’ genoemd) zijn competenties, die een vertaling zijn van maatschappelijke behoeften. Competenties gaan over handelingsbekwaamheid en hebben hun basis in een geobjectiveerd, Europees kwalificatiekader. Ze zijn toetsbaar. De verwerving ervan betekent dat de schoolverlater zich een bepaald profiel heeft aangemeten dat op de arbeidsmarkt herkenbaar is. Hij toont zich daarmee inzetbaar.

Het profiel van de schoolverlater is persoonlijk, dit wil zeggen dat het de uitkomst is van een soort ‘zelfselectie’. Ze heeft betrekking op talent of aanleg. Hiermee kan de lerende een richting inslaan naar een bepaald soort werk waarvoor hij later inzetbaar wil zijn. Dat maakt hem tot medeproducent van zijn eigen leeromgeving, tot een mede-ontwerper zelfs. ‘Co-creatie’ en ‘maatwerk’ zijn de woorden die hierbij horen.

Op heel wat scholen wordt personaliseren in brokstukstukken beproefd. Welke verandering brengt dit met zich mee, bijvoorbeeld voor de leraar? En wat zijn de zorgen van Simons en Masschelein? Welke grenzen van personalisering stellen zij voor? Daarover gaat het derde luik - volgende week.

Wilt u hierover met mij doorpraten? Mail naar ndullemans@verus.nl.  

Reacties

Door Hilde Lingier op 18 dec 2017 | 08:08

Hallo, hoe ziet u het duaal leren hierin? Digitale groeten, Hilde Lingier

Nieuwe reactie inzenden

Nico Dullemans

adviseur identiteit
0438 74 41 18