U bent hier

Vrijwillige ouderbijdrage en de zin van het leven

In 2018 kreeg Volkskrantjournalist Fokke Obbema tijdens zijn slaap een acute hartstilstand. Dankzij zijn alerte echtgenote en goede medische zorg kwam hij er fysiek weer helemaal bovenop. Toen hij echter zijn werk wilde oppakken overviel hem een tot dan toe onbekende paniek over het feit dat het ‘zomaar ineens afgelopen kan zijn’.
En hij begon zich meer en meer te verbazen over het feit dat we onze sterfelijkheid zo naar de randen van ons bewustzijn verbannen. In het licht van zijn eigen sterfelijkheid begon de vraag naar ‘de zin van het leven’ zich meer en meer op te dringen. Zodoende besloot hij veertig mensen over dit thema te interviewen. Jonge en oude mensen, mannen en vrouwen, mensen uit diverse culturen, gelovigen, agnosten en atheïsten en mensen met hele verschillende opleidingen en beroepen. De interviews zijn gebundeld in het boek De zin van het leven, een aanrader.

In de epiloog destilleert hij zeven inzichten uit al deze zeer verschillende bijdragen van zeer verschillende mensen. Zijn conclusie: het leven krijgt betekenis door kwetsbaarheid, verbinding, veerkracht, dankbaarheid, (de hoop op) ethische groei, nieuwe ruimte voor religiositeit, onze zoektocht naar de essentie en ons vermogen als mens om betekenis te verlenen aan wat op ons pad komt.

Wat heeft dit nu allemaal met de vrijwillige ouderbijdrage te maken, zult u denken? En met het feit dat de Tweede Kamer afgelopen week instemde met het wetsvoorstel om die bijdrage voortaan echt vrijwillig te laten zijn, waardoor kinderen wiens ouders het niet kunnen betalen niet uitgesloten kunnen worden van deelname aan activiteiten.

Toegegeven, het is even een sprong, maar ik waag ‘m toch.
Het initiatief voor deze wet kwam mede voort uit de zorg om verdergaande tweedeling in de samenleving. Het is gelukkig vrij uitzonderlijk, maar er zijn scholen waar ouders zo’n 600 euro per jaar betalen. Geld dat veelal besteed wordt aan duurdere schoolreisjes of de aanschaf van prijzige laptops. Er wordt (gelukkig ook uitzonderlijk) door sommige scholen gekozen voor statusverhogende schoolactiviteiten om zó meer ouders te trekken die daar kennelijk gevoelig voor zijn. Het pleidooi om sociale segregatie in het onderwijs zoveel mogelijk te voorkomen klinkt steeds vaker. En scholen en ouders vinden zelf ook wegen om elke leerling mee te laten doen.

Hier komen voor mij de zeven inzichten uit het boek van Obbema ook weer in beeld. Het lijkt erop alsof de geïnterviewden ons oproepen om toch vooral niet steeds hoger en verder weg te zoeken naar wat van betekenis is, maar juist dieper te graven en dichtbij te blijven.
Dat heeft grote zeggingskracht voor goed onderwijs.

De ontdekking van wat van waarde is voor hun verdere leven doen leerlingen vooral op in de schoonheid en weerbarstigheid van het leven van alledag. Dat vraagt om docenten die met hart en ziel, inzicht en wijsheid kunnen lesgeven en begeleiden. En om ouders die zich bij het opvoeden niet gek laten maken door de waan van de dag en wat hun status, en die van hun kinderen, omhoog stuwt.
Ik wens scholen, ouders en leerlingen hele mooie kerstdagen toe en een nieuw jaar waarin dat wat er echt toe doet in ons leven aanwezig mag zijn.

Reacties

Door Koos Bezemer op 22 dec 2019 | 11:39

De koppeling zit m.i. op geen enkele wijze in dit tekststukje. Sowieso is er binnen scholen door ons bekostigingssysteem al geen sociale segregatie. Het gaat allereerst voorbij aan het punt dat een vrijwillige bijdrage een Nederlandse vinding is die nooit houdbaar is geweest of ooit zal worden. Als directeur van een middelgrote basisschool (330 lln) hebben wij een begroting van 16.000 euro per jaar voor de vrijwillige bijdrage van de ouders. Aan de ouders wordt een bijdrage van 50 euro per jaar gevraagd voor feesten, projecten, uitstapjes, vieringen en als bijdrage voor b.v. Wetenschap&Techniek en Muziek, extra schoonmaak van toiletten tussen de middag voor continurooster, aanschaf extra kleutermaterialen en reservering voor speelmateriaal op het plein. In het stukje mis ik een onderbouwing waar scholen dit geld dan vandaan halen. Mijn begroting is net passend waarbij ik erop let dat we budgettair passend opereren. Mijn basisbegroting is 1,5 miljoen euro waarbij ik aan het begin van het schooljaar al 85% heb uitgegeven/gereserveerd voor personeelskosten. Schoonmaak, energie, water, onderhoud, methode-aanschaf, ICT, enz. is 250.000 euro en onderwijs maak ik met schoolmaterialen ter waarde van 25.000 euro (pennen, potloden, papier, gum, lijm, enz.). Speelmaterialen op het plein staan nergens omschreven binnen je lumpsum. Afgelopen jaar heb ik hier 21.000 euro aan uitgegeven. Als iedereen komend schooljaar de vrijwilligheid invult dat het niet hoeft (4,17 per maand) dan stopt het toch echt met plezierige dingen op school. Ouders die niet betalen op mijn school zijn niet persé ouders die het niet kunnen maar het niet doen omdat het vrijwillig is in Nederland. Die houding zorgt ervoor dat sommige ouders wel 3x per jaar zich een nieuwe tattoo kunnen veroorloven of 1x per 2 jaar een nieuwe IPhone/Android van de nieuwste serie maar helaas geen 50 euro over hebben voor het onderwijs van hun kind. Zelf kom ik uit een gezin met 5 kinderen waarbij mijn vader éénverdiener was die zuinig was en altijd zijn schulden voldeed. Vrijwilligheid kenden we in die tijd nog veel minder en elke maandag nam ik geld voor de zending mee en ook voor de schoolreis. Op mijn school maken we ouders niet gek door de waan van de dag maar tegelijk laat ik me ook niet gek maken door een opvatting dat alles gratis is in het leven of gebaseerd moet zijn op basis van vrijwilligheid. Die 2 soorten van gekte houden we allebei buiten de deur wat mij betreft. Nu maar hopen dat de schrijver van dit stukje de raad van mijn zoon ter harte neemt die vaak antwoordde op onze uitspraak als er iets was gezegd door politici dat er goed over was nagedacht: "Jammer dat het dan dit is geworden."

Nieuwe reactie inzenden

Monica Neomagus

adviseur ouderbetrokkenheid
0348 74 44 04