U bent hier

Brieven over leiderschap (V)

Waarde Theo,

Afgelopen week waren wij samen in Antwerpen om met een kleine 100 leerkrachten en directeuren uit het Vlaamse en Nederlandse onderwijs te praten over het goede dat er op hun scholen gebeurt. Tijdens de gesprekken in het groepje dat ik als gespreksleider mocht begeleiden, viel me één ding vooral op: wat weten al die mensen toch precies wat er gebeurt in hun klas en op hun school. Ze vertelden de mooiste verhalen; niet om een mooi verhaal te vertellen, maar omdat ze het meemaken, meebeleven en meevoelen. En volgens mij raakt dat precies aan een element dat sterk samenhangt met de onderscheiding die jij in jouw vorige brief noemt: bewustzijn.

Bewustzijn lijkt eenvoudig, maar is in de praktijk van alledag allesbehalve vanzelfsprekend. Hoe veel mensen kennen niet de ervaring van ’s ochtends snel opstaan en na een snelle douche direct in de auto of op de fiets springen om naar hun werk te gaan. Je ondertussen ergerend aan het almaar toenemende verkeer – waar je zelf ook deel van uitmaakt. Het gevoel van “geleefd worden” kan zich makkelijk opdringen. Een ander voorbeeld: achter mijn woning staat een prachtige boom, die maar een paar weken in het jaar in bloei staat. Doordat ik er nu over schrijf, kijk ik naar de boom en zie ik dat die periode nu aangebroken is. In deze drukke periode was die hele bloeiperiode anders misschien zo aan me voorbij gegaan.

Ik wil maar zeggen: met zo’n instelling had ik nooit in die scholen kunnen zien wat onze gesprekspartners in Antwerpen zagen, al had ik naast ze gestaan. Of je nu dus gaat om tot de kern komen, koers houden of de kracht van onderscheiding: ze vragen van ons een houding waarin we actief naar ons eigen leven kijken. En dat is –blijkens bovenstaande voorbeelden- nog helemaal niet zo gemakkelijk. Er zijn twee dingen die me daar in mijn persoonlijk leven bij helpen.

Het eerste is het bewust zoeken van een moment van verstilling. Iedere ochtend probeer ik –alvorens onder de douche en in de auto te springen- een kort ogenblik in stilte in mijn werkkamer te zitten. Dat kun je op duizenden manieren doen: met gebed, in meditatie, een boek lezen, een dagboek bijhoudend of luisterend naar muziek. Het gaat me niet om de vorm, maar om waar het me aan herinnert: dat er iets is dat mijn dagdagelijkse hectiek overstijgt. Of zoals jouw collega aan het Titus Brandsma Instituut Thomas Quartier tijdens ons Verus Event al zei: sommige elementen van zijn kloosterbestaan lijken enorm zinloos. En juist die dingen geven zin.

En nu ik Thomas Quartier heb aangehaald, is de link naar de Benedictijnen  snel gelegd. Want daarin ligt de bron voor een andere vorm van bewustzijn: het dagelijkse gesprek met jezelf. Zoals ik mijn dag begin in stilte, probeer ik hem ook weer te eindigen. Maar wel met een (mentaal) gesprek met mezelf. Een gesprek waarin ik me afvraag op welke manier ik nu door het dagelijkse leven ben gestapt, welke mooie dingen ik heb mogen meemaken (de gesprekken in Antwerpen), maar ook waar ik mezelf misschien voorbij ben gelopen (de niet-geziene bloesem).

Voor allebei de dingen geldt dat ik wat schroom heb moeten overwinnen om ermee te beginnen en eraan vast te houden. Maar ze scherpen mijn bewustzijn en maken me zo ook een aanweziger mens. Ken jij ook van die momenten van bewustzijn? Ik ben benieuwd. Ondertussen ga ik even naar een boom in bloei kijken.

 

Hartelijke groet,

Mark

Nieuwe reactie inzenden

Mark Buck

adviseur governance, cultuur en organisatie
0348 74 44 78