U bent hier

Max Verstappen kent zijn streefwaarden

Het is druk, OCW wil van alles en de zomervakantie staat op de stoep. We weten het. In de spaarzame vrije momenten kijken we naar Oranje in allerlei sportevenementen en velen onder ons toch ook wel naar Max Verstappen in de Formule 1 (F1).

Vooral in de F1 is in de afgelopen twee decennia ongelooflijk veel veranderd. Het is nu géén kwestie meer van wie de hoogste snelheid kan halen. Er spelen allerlei factoren een rol. Denk aan het gewicht van de auto en van de bestuurder, het vermogen en de temperatuur van de motor, de hardheid en de temperatuur en de luchtdruk van de banden, de stand van de vleugels, de temperatuur van de remmen en nog veel méér.

Onderwijs en F1

Het begint al vóór de race. Alle streefwaarden zitten in een systeem dat de auto op alle punten monitort. Technici en monteurs staan klaar om nauwkeurig het gedrag van de auto in de gaten te houden. De systemen zelf zijn getest om er zeker van te zijn dat zij meten wat gemeten moet worden.  De bestuurder kent zijn auto heeft simulaties en tests gedaan. Hij kent de streefwaarden waarbinnen de auto moet blijven. De bestuurder weet precies wat de auto kan en hoe hij op volle snelheid grip kan houden. Hij zoekt de randjes op, want het gaat hem om een goede klassering.

Bijzonder dat binnen het onderwijs zoveel punten op een F1 race lijken. Zoals de opstartfase van een nieuw schooljaar. Zijn de scholen goed toegerust met mensen en middelen? Is het personeel bekwaam, beschikbaar en inzetbaar? Zijn we efficiënt en effectief? Kunnen piekbelastingen worden opgevangen? Zijn er waarschuwingssystemen om tijdig te kunnen remmen en bijsturen? Hoe zit het met de stuurinformatie: wordt deze goed aangeleverd? En misschien nog wel het belangrijkst: hebben we realistische streefwaarden?

Streefwaarden en begroting

De streefwaarden. Buitengewoon belangrijk in combinatie met een begroting, want waarop wil je anders sturen? Binnen de bedrijfsvoering spelen de financiële streefwaarden een vooraanstaande rol. Door deze goed vast te stellen, wordt het mogelijk op hoofdlijnen te gaan sturen en brandjes blussen te voorkomen. De streefwaarden voor de vermogenspositie, rentabiliteit, solvabiliteit en liquiditeit komen tot stand via een risico-inventarisatie. Via die weg kun je beoordelen welk deel van het eigen vermogen nodig is om risico’s op te kunnen vangen.

De meerjarenbegroting is nodig om ook op middellange termijn goed te kunnen besturen. Kennis van de bestaande risico’s en van de risicobuffer is hierop van invloed. Want in de begrotingen zelf plan je de kosten voor maatregelen om risico’s te beperken of af te dekken.

Risico-inventarisatie

De grondslag hiervoor is een gedegen risico-inventarisatie, helder opgesteld met brede betrokkenheid in de organisatie. Het gaat om inzicht in alle grote risico’s die de strategische doelen van de scholen kunnen bedreigen. Bij voorkeur is zo’n weerstandsparagraaf klaar voordat de volgende begrotingsronde weer gaat beginnen. Dat past meteen ook mooi in het bestuurlijk toetsingskader.

Vergelijkbaar met Max. Reken maar dat hij een gedegen risico-inventarisatie heeft, vóór elke race. Dat hij precies inschat, met zijn team en teambaas, welke risico’s er zijn en hoe zij daar samen mee zullen omgaan terwijl hij op volle snelheid in zijn gestroomlijnde stoeltje zit. Dat hij de streefwaarden op zijn duimpje kent, als ook de bandbreedten waar deze binnen moeten blijven. Om zo, liefst nog vóór de laatste ronde, op het juiste moment krachtig door te kunnen pakken.

De thematiek omvat best veel en is noodzakelijk. Juist nu er ook echt NPO-middelen vrijkomen. Mocht je eens door willen praten over de streefwaarden van jouw organisatie, neem dan eens vrijblijvend contact op met Manuel Suurhoff of Genno Wolthers. Een uurtje oriëntatie en sparren is deel van de kostenloze service aan leden.

Nieuwe reactie inzenden

Manuel Suurhoff

adviseur bedrijfsvoering en financiën
0348 74 41 41