U bent hier

#onderwijs2032. Hè ja, laten we er nog eens over praten…

Een ‘nationale brainstrom’. Die vormde de basis voor het advies dat het platform Onderwijs2032 in januari presenteerde. En na inmenging van de Tweede Kamer gaan we die brainstorm nog eens over doen. Ja, zorgvuldigheid is geboden. Maar zo laat je een goed voornemen verzanden. 

Het idee achter Onderwijs2032 (een nieuw, toekomstbestendig en breed gedragen kerncurriculum) is goed. Ook goed: dat de Tweede Kamer, de commissie Dijsselbloem indachtig, niet te hard van stapel wil lopen. Het nieuwe curriculum moet gedragen worden door de beroepsgroep. Dus de representant van die beroepsgroep, de Onderwijscoöperatie, kreeg de bal toegespeeld.

Een bal die de coöperatie graag weer terugspeelt (“Het is uiteindelijk aan u als staatssecretaris om te besluiten hoe het proces rondom een nieuw landelijk curriculum verder vorm te geven.”) maar niet voordat ze er haar eigen show mee weggeeft. Namelijk in een extra fase, een ‘verdiepingsfase’. 

Iedereen mocht al eens meepraten

Die bestaat uit twee onderdelen: een dialoog onder leraren en een inhoudelijke verdieping van het advies. Dat eerste onderdeel, daar is de Onderwijscoöperatie voor: leraren laten meepraten.

Aan dat tweede onderdeel van de verdiepingsfase, de ‘inhoudelijke verdieping’, mogen “ook andere belanghebbenden zoals schoolleiders, schoolbestuurders, het vervolgonderwijs, ouders, leerlingen, het bedrijfsleven, wetenschappers en maatschappelijke en culturele organisaties” bijdragen. 

Maar wacht eens even: dat was toch precies de taak van Platform Onderwijs2032? 
Op haar website staat bij de brainstormfase: Iedereen mocht meepraten, van leerling tot leraar en van wetenschapper tot ondernemer.
Bij de dialoogfase: Hiertoe gingen de Platformleden in gesprek met leraren, leerlingen, schoolleiders, ouders, bestuurders, ondernemers, werkgevers en culturele en maatschappelijke organisaties
En bij de consultatiefase: In oktober en november 2015 legde het Platform zijn hoofdlijnenadvies voor aan leraren, leerlingen, schoolleiders, ouders, bestuurders, werkgevers, culturele en maatschappelijke organisaties en anderen die het Nederlandse onderwijs een warm hart toedragen.

Iedereen, óók elke leerkracht, heeft drie fases lang de gelegenheid gehad mee te praten.

Tussenfase

En dat is wat er gebeurd is: praten, praten, praten en schrijven. En nu de Onderwijscoöperatie een klus krijgt die ze niet aankan, is nog even verder praten haar oplossing. Een ‘tussenfase’ is het eigenlijk. Maar “we hebben gemerkt dat het begrip ‘tussenfase’ veel discussie oproept. Daarom gebruiken wij vanaf nu graag de term ‘verdiepingsfase’.” 

Je kunt het ook uitstel noemen. En iedereen weet wat daarvan komt…

In november brengt de Onderwijscoöperatie een rapport uit. Dan zit onze staatssecretaris tot z’n nek in de verkiezingscampagne. En zo hebben we in 2032 veel goede gesprekken gehad, en een pak papier.

Nieuwe reactie inzenden

Hester van de Kaa

redacteur
0348 74 44 09