U bent hier

De samenwerkingsschool – wat een feest?!

Als het goed is, is een samenwerkingsschool een mooi begin van iets nieuws. Maar als iedereen alleen iets inbrengt voor de eigen groep, is het geen feestje. Hoe maak je van de samenwerkingsschool een feest voor alle leerlingen?

Omdat het grote feest ’s avonds gehouden zou worden, was het die dag een drukte van belang in de delicatessenzaak. Een lange rij stond voor de toonbank. Elke klant had zijn eigen wensen, speciale diëten en voorkeurssmaken. Iedereen zou tijdens het feest kunnen genieten van alle specialiteiten die door de tafelgenoten meegebracht zouden worden.

Aan de kassa werden de bestellingen gewogen met goud. Elke ons legde gewicht in de schaal.

‘Een kilo aandacht voor alle geloven graag’.

‘Een tas gevuld met gebed alstublieft’.

‘Het volle pond aan neutraliteit. Goed afwegen’.

‘Een doos met Bijbelverhalen voor elke dag’.

‘Alle kinderen samen bij levensbeschouwing. Maakt niet uit hoeveel het kost’.

‘Alle kinderen apart bij levensbeschouwing. Noem me de prijs’.

‘Kerstdiner’.

‘Kerstviering in de kerk’.

Het feest werd een fiasco. Een ieder at en dronk uit zijn eigen tas, doos of fles. En met onaangeroerde restjes gingen alle gasten weer naar huis. De muziek was verstomd. De slingers werden opgeruimd.

Wensen op tafel

Een nieuwe samenwerkingsschool is een groot feest. Het dorp, de wijk wordt nieuw leven ingeblazen. Een pracht van een school maakt een frisse start. De trots van de openbare en die van de christelijke school komen samen in een school die met vlaggen en wimpels wordt verwelkomd.

En dan zijn er zoveel wensen, voorkeuren, overtuigingen die op tafel worden gezet. Wat snijdt hij daar nu aan? Wordt dat nog verkocht? Wie eet dat nou? Als ze mij maar niet vraagt of ik ook een slokje wil. Dat lustte ik vroeger al niet, dus…

Bij het samengaan van een christelijke en openbare school komt van alles kijken. Veel aspecten moeten worden verkend en uitgewerkt voordat er feest kan worden gevierd.
Als adviseurs identiteit van Verus merken we dat het in dit proces gelukkig steeds vaker gaat om meer dan een pragmatische afweging in het kader van leerlingenaantallen en bestaansrecht. Het biedt een kans om elkaar wezenlijke vragen te stellen: “Wat doet er écht toe? Wat willen wij betekenen voor de kinderen, het dorp en de samenleving? Waarom zijn wij hier als school? Vanuit welke visie besteden wij aandacht aan levensbeschouwelijk burgerschapsonderwijs?”

Waarde hechten

En juist bij die vragen brengen de ouders, de leerkrachten, de bestuurders verwachtingen en beelden mee. Niet zelden staan die een gezamenlijke feestmaaltijd in de weg. ‘Vormen en waarden die op de christelijke school zo vertrouwd waren, bederven de smaak als we samen een feest vieren’. ‘Praktijken en overtuigingen die de school tot de openbare school maakten, zijn niet voedzaam en stillen geen honger’.
Voor je het weet, trekt iedereen zich vanuit deze beelden terug met zijn eigen bord en glas. Niemand eet of drinkt van een ander. De eigen overtuigingen en beelden worden obstakels van de samenwerkingsschool. En het feest dooft uit.

Tijdens zo’n proces van samengaan is het juist belangrijk om te vertellen waarom je waarde hecht aan bepaalde uitgangspunten en praktijken. Waar, beste leerkracht, moet een ritueel zoals jouw vertrouwde gebed aan voldoen om het voor al jouw leerlingen van betekenis te laten zijn?

Feest van goed onderwijs

Hoe, beste ouder, kan een Bijbelverhaal aan jouw kind wel verteld worden? Wat, beste directeur, zijn voor jou de voorwaarden als de leerlingen gezamenlijk levensbeschouwelijk onderwijs krijgen?

Steeds weer blijkt tijdens deze gesprekken dat vertrouwde en soms zelfs heilige vormen in met name het levensbeschouwelijk onderwijs niet het doel op zich zijn. Een gebed, een godsdienstig verhaal, een viering, lessen in geestelijke stromingen, het kerstdiner: iedereen die het bestelt als lekkernij bij uitstek, als hoofdgerecht voor iedereen, heeft er iets mee op het oog. Iets dat alles zegt over wat voor hem of haar goed en mooi onderwijs is. Vrijwel altijd komt men dan uit bij een van de grote bedoelingen van de school: dat leerlingen ontdekken wie ze zijn, wie ze willen zijn en hoe ze zich verhouden tot de samenleving. Dan gaat het dus niet om de exclusieve smaak van je eigen gerecht. Maar vraag je daarentegen hoe jouw delicatesse bijdraagt aan het feest van goed onderwijs op de samenwerkingsschool.

Fusie

Wanneer we in een fusieproces nadenken over het doel van onderwijs worden regelmatig creatieve vormen voor levensbeschouwelijk onderwijs ontworpen. Het zijn onderwijspraktijken die door alle leerlingen gegeten en gedronken kunnen worden. Zo wordt recht gedaan aan de diversiteit en kunnen kinderen écht samen leven. Er ontstaat nieuw levensbeschouwelijk onderwijs waar je als samenwerkingsschool voor staat en waar je trots op bent. Om van te watertanden.

Het vraagt daarom tijd en aandacht om de bedoelingen die erachter schuil gaan zichtbaar te maken. En als alle leerkrachten, ouders en bestuurders die bedoelingen als hun bedoelingen omarmen, maken ze samen goed en aantrekkelijk onderwijs voor alle leerlingen. Dan blijft de samenwerkingsschool een feestzaal.

Dit blog is gezamenlijk geschreven door Erik Renkema en Aafke Reinders.

Nieuwe reactie inzenden

Erik Renkema

adviseur identiteit
06 10 31 35 79