U bent hier

Over het verstrengelen van werken en leren

In de afgelopen maanden zag ik in allerlei publicaties vanuit de Inspectie, het ministerie van OCW en op de sites van diverse onderzoeks- en adviesbureaus over de noodzakelijke aandacht voor verdere ‘professionalisering’ en ‘continue educatie’ van toezichthouders, bestuurders, directeuren, coördinatoren en leraren. Ik noem bewust dit uitgebreide rijtje van niveaus in de schoolorganisatie. Want, elk doelgroep heeft zo zijn eigen vereniging, belangenbehartigers en op maat ontwikkelde trainingen, workshops en leergangen. En dat is natuurlijk ook prima.

Tegelijkertijd, en afgezien van het vreselijke woord ‘professionalisering’, stel ik me de vraag hoe effectief die losse trainingen en workshops nu daadwerkelijk zijn. Nog wel eens zie ik mensen vol enthousiasme naar een workshop gaan in een mooi conferentieoord en daar ideeën opdoen. Maar terug op het werk blijkt dan weerstand te zijn voor de nieuwe frisse veranderingsideeën en besluiten ze dat de verandering toch niet de moeite waard is.

Wanneer er voor wordt gekozen om niet al te veel te willen focussen op de hypes en juist het gegeven van verandering (an sich) traditie te laten worden, veronderstelt dat een andere benadering. Daarvoor is binnen de schoolorganisatie een aanvullende structuur nodig; een netwerk van mensen die vrijwillig, zelfs in hun eigen tijd, initiatieven ontplooien die de schoolorganisatie helpt zijn strategie uit te voeren en die helpt om binnen die strategie permanent te verbeteren en te vernieuwen. Dan heb ik het – in optima forma- niet alleen over de aanwezige vrijwilligers binnen de MR, GMR, bestuur en toezicht van een schoolorganisatie maar ook over bevlogen leerkrachten, schoolleiders, ouders en anderen die vrijwillig en naast hun reguliere werk allerlei verantwoordelijkheden krijgen bij het verkennen, voorbereiden en uitvoeren van het verandertraject.

Heel concreet veronderstelt dat ook dat tijdens bijeenkomsten eerder meerdere niveaus aan tafel aan de slag gaan, dan dat er vooral gefocust wordt op ‘alleen’ de toezichthouder, of de bestuurder, of de directeuren, et cetera. In de verbinding ontstaan andere betekenissen.

In de praktijk

Enkele weken geleden mocht ik in Zeist een bijeenkomst begeleiden waarin de verschillende bouwstenen voor het nieuwe strategisch beleidsplan werden gezocht. Daar hadden de betrokkenen het lef om alle niveaus bijeen te brengen, van vertegenwoordigers vanuit de vereniging, toezichthoudend- en uitvoerend bestuur, schooldirectie, ouders en het team.

In een middag-avondsessie is, door middel van de wereld-cafe methode, uiteenlopende kennis en kunde bij elkaar gebracht. Er is naar elkaar geluisterd en gesproken over thema’s zoals ‘missie’, ‘visie’, strategische keuzes’, ‘imago’, ‘identiteit’, wat willen we behouden, ontwikkelen en loslaten’. Bovenal heeft het geleid tot toevallige ontmoetingen van mensen, die elkaar nog nooit waren tegengekomen.

Deze blog is geschreven door Dimitri van Hekken, adviseur Governance, cultuur en organisatie. Hij werkt vanuit een kritische vriendschap met mensen op allerlei niveaus in de schoolorganisatie. Soms als coach van een (aspirant) directeur-bestuurder of schoolleider, soms als adviseur ter ondersteuning van een organisatieveranderingsproces. Telkens op zoek naar hoe ‘werken en leren’ meer verbonden kunnen worden.

 

Nieuwe reactie inzenden

Dimitri van Hekken

adviseur governance, cultuur en organisatie
0348 74 44 29