U bent hier

Van deze tijd

‘Het speelkwartier is over!’

Die oproep van Govert Buijs tijdens het boeiende symposium ‘Van deze tijd’ blijft bij me hangen. Tijdens deze bijeenkomst op 11 april jl. werd de essaybundel met de gelijknamige titel gepresenteerd. Elf personen hebben een essay geschreven naar aanleiding van de vraag wat de huidige maatschappelijke ontwikkelingen betekenen voor de vraag hoe je eigentijds – christelijk – onderwijs kunt geven.

In de bijdragen komt nauwelijks het behoud van artikel 23 van de Grondwet aan de orde. Waar het vooral om gaat is de vraag hoe je de vrijheid van onderwijs op een inhoudelijke manier invult. ‘Want’, zo stelde Buijs, ‘in een land waar een uniek onderwijssysteem bestaat, is er sprake van een bijna uniforme invulling van het onderwijs.’

Alle reden om dan maar over te gaan tot het concept School!, zoals dat momenteel door het openbaar onderwijs wordt gepropageerd, zou je kunnen denken. Alle onderwijs openbaar is al lange tijd een ideaal. Ik herinner me de leus die ik vroeger als kleine jongen op posters zag staan, lopend naar mijn christelijke school: ‘Onverdeeld naar de openbare school!’

En in deze tijd dus zelfs zonder het bijvoeglijk naamwoord ‘openbaar’. Door plaats te geven aan alle levensbeschouwingen – actief pluriform  heet dat – hoeft er geen diversiteit in het onderwijsaanbod te blijven bestaan, zo is de gedachte. Een denkbeeld, dat soms bijna als – dwingende - grondslag naar voren wordt gebracht.

Het houdt me ook wel bezig, moet ik zeggen. Als we als Besturenraad - binnenkort Verus - meedenken met onze schoolbesturen die al dan niet gedwongen door de omstandigheden gaan samenwerken met het openbaar onderwijs, werk ik dan mee aan School! of hebben we een breder, misschien wel beter verhaal dan alleen de manier waarop je omgaat met de levensbeschouwelijke diversiteit?

Steeds schiet dat verhaal van Simon Sinek me te binnen over inspirerend leiderschap: Dat wàt je doet en hòe je het doet, wordt gekleurd door de beantwoording van de vraag waaròm je iets doet. Dient dat niet de eerst te beantwoorden vraag op elke school te zijn: waarom doen we de dingen, die we doen: wat is onze droom en wat zijn onze bronnen daarvoor? Dan volgt daaruit vanzelf de beantwoording van de vraag hòe je de dingen doet en zal het wàt, het onderwijs zelf daardoor gekleurd worden.

Door de conferentie ‘Van deze tijd’ is dit me nog helderder voor ogen komen te staan: Het gaat allereerst om een visie op wat goed onderwijs is. Een onderwijskundige visie dus, die gevormd wordt door het perspectief dat je hebt voor de leerlingen die als school aan je zorg zijn toevertrouwd. Wat wil je hen meegeven, wat is je visie op de mens en het kind, op het leren en de samenleving? En door welke bron of bronnen laat je je daarbij inspireren? Wat mij betreft betekent dit, dat in ieder geval de waarde van het christelijk geloof voor de beantwoording van deze vragen ingebracht wordt. Je mag zijn wie je bent, naastenliefde, vergeving, gastvrijheid, God ter sprake brengen… Het zijn zomaar enkele noties die ik niet wil claimen, maar die voor mij wel belangrijk zijn als het gaat om de vormgeving van onderwijs aan jonge mensen.

Ik hoop van harte dat christelijk geïnspireerde scholen in alle openheid én duidelijkheid een eigen verhaal weten in te brengen in die situaties waarin men gaat samenwerken met het openbaar onderwijs. Samenwerken lijkt op dit moment het ‘toverwoord’ te zijn voor de oplossing van veel vragen. Ik ben zeker onder de indruk  van de flow die ik op scholen merk als men het gesprek over goed onderwijs op een respectvolle manier met elkaar aangaat.

En ik hoop van harte dat christelijke scholen die er voor kiezen niet te gaan samenwerken duidelijk vanuit een eigen verhaal  bijdragen aan de ontwikkeling van leerlingen en de maatschappij als totaal. En dat ze dat geïnspireerd, op een open én duidelijke manier doen.

Deze scholen werken dan mee aan een waarlijke invulling van de vrijheid van onderwijs, waarvan de Onderwijsraad onlangs nog betoogde dat die erg ‘van deze tijd’ is. Die diversiteit– wat mij betreft zijn er geen bijvoeglijke naamwoorden te veel om aan te geven wat voor school je bent – is mijn ideaal: alle scholen bijzonder doordat men weet wat men wil bereiken én weet uit welke bron/Bron men put!

Nieuwe reactie inzenden

Dick den Bakker

directeur onderwijs en identiteit
0348 74 44 46

Lees ook

Dick den Bakker
Dick den Bakker