Begin niet te snel aan een relatie

Ervaar jij partnership tussen jouw onderwijsinstelling en de leveranciers van bijvoorbeeld leermiddelen,  printmaterialen of kantoorbenodigdheden? Grotere kans dat de leveranciers jullie relatie sneller als partnership bestempelen dan jij zou doen. 

Dit is althans wat ik in de praktijk zie gebeuren: Voor leveranciers zijn verstuurde facturen al snel meer dan een vergoeding voor geleverde diensten en producten. Maar als inkoper binnen het onderwijs wijs ik onze leden erop dat inkoop in de basis gaat over de vraag wat de toegevoegde waarde voor het onderwijs is van alle binnenkomende facturen. Kortom: wat dragen de ingekochte goederen en diensten bij aan jouw onderwijs?

En ik zie nogal eens voorbeelden waarin deze toegevoegde waarde te onduidelijk blijft.  

Mijn advies: kijk eerst naar wat precies de behoefte is en hoe de markt eruit ziet, vóórdat er gesproken wordt over vormen van samenwerken. De term partnership wordt te gemakkelijk gebruikt in situaties waarin leveranciers een sterke dominante rol hebben. 
En dat kan verschillende oorzaken hebben: een hoge mate van specifieke kennis, saleskracht ten opzichte van beperkte inkoopkracht of juist een volledige focus op de eigen ondernemersbelangen gedurende het ‘partnership’. 

Of de leverancier of de school nu dominant is, bij strategisch partnership gaat het om een evenwichtige relatie. Dus onderzoek de waarde van een product of dienst voor jouw scholen, de financiële waarde en de markt. Misschien blijkt concurrentiestelling dan wel de beste strategische keuze op het gebied van inkoop en leveranciersrelatie, in plaats van partnership dat zo snel wordt genoemd.

Vraag je je nu af of jouw relatie met leveranciers wel gezond is? Ik neem ‘m graag voor je onder de loep.


Nieuwe reactie inzenden