Pleidooi voor veiligheid door kwetsbaarheid

Enige tijd geleden werd me gevraagd mee te denken over het onderwerp veiligheid & school.
Omdat veiligheid in onze samenleving zo’n issue is geworden, kunnen we niet om de angst heen die daar onlosmakelijk mee verbonden is.
Psychiaters Damiaan Denys (Vrij Nederland oktober 2014) en Witte Hoogendijk (NRC 9 februari 2017) concluderen dat angst en stress een respectievelijk beschermende en nuttige functie vervullen wanneer het om elementair overleven gaat. Geconfronteerd met een giftige slang of een uit koers geraakte auto moeten we maken dat we wegkomen en dat doen we vanzelfsprekend niet fluitend kuierend.
Ons hele fysieke systeem, inclusief ons hartritme, onze spierspanning en de aanmaak van stresshormonen, is erop ingesteld om razendsnel en adequaat te reageren.

Het probleem dat beide psychiaters echter vaststellen is dat er bij steeds meer mensen sprake lijkt van een permanente staat van die verhoogde waakzaamheid. Zij geven beiden aan dat het blijkbaar moeilijker is geworden om ons te verhouden tot onbeïnvloedbare stressoren zoals terrorisme, oorlogen, milieuproblemen en cybercrime waarover de berichten dagelijks veelvuldig via het nieuws en social media tot ons komen. 
Het confronteert ons met de onvoorspelbaarheid van het menselijk bestaan en met ons onvermogen om alles onder controle te houden en zet het gevoel van veiligheid onder grote druk.
Wanneer we onszelf daar niet toe kunnen verhouden, liggen angsten, burn-out en depressie op de loer. En, zo stelt Denys, dat bedreigt de vitaliteit van burgers en van de samenleving als geheel.
Hoogendijk stelt bovendien vast dat mensen met een lager opleidingsniveau nog minder in staat zijn om dit type stressoren ‘uit te zetten’ en daarmee dus nog kwetsbaarder.

Terecht wordt binnen scholen aandacht besteed aan het thema veiligheid.
Via de Stichting School en Veiligheid kunnen alle scholen tegenwoordig goede en bruikbare adviezen krijgen. Zo zijn er trainingen om in de klas een open gesprek te kunnen voeren over omstreden onderwerpen, informatie en tools om pesten te herkennen en is er een draaiboek ontwikkeld dat houvast biedt bij calamiteiten en ernstige gebeurtenissen.
Ouders kunnen op dit soort terreinen ook betrokken zijn en met vragen worstelen. Wanneer school en ouders samen zoeken naar manieren om hiermee om te gaan, zijn kinderen nog beter geholpen.

Toch blijven de conclusies van bovengenoemde psychiaters ook een belangrijk aandachtspunt wat mij betreft. Want als de indruk ontstaat dat, door de inzet van scholen die redelijkerwijs verwacht mag worden, alle negatieve levenservaringen en bedreigingen die bij het menselijk bestaan horen de school uit gewerkt kunnen worden, dan wordt het verkeerde signaal afgegeven.
In die zin pleit ik dan ook voor een open en eerlijk gesprek van school en ouders over kwetsbaarheid binnen dit kader. En hoe dáár mee om te gaan.
Dat zal niet altijd gemakkelijk zijn in een maatschappij die bij het minste en geringste incident naar verantwoordelijken speurt om zó de controle over ons breekbare bestaan terug te winnen.
Maar het is wel nodig.

Eén van de vaders die zijn zoon verloor bij de aanslag op een groep jongeren door Anders Breivik, verwoordt in een documentaire van de Amerikaanse Michael Moore (Where to invade next?) op indrukwekkende wijze hoe hij die kwetsbaarheid ervaart.
De gebeurtenis heeft zijn hele leven op zijn kop gezet, nooit had hij als vader dit scenario kunnen bedenken en voor altijd zal dit verlies zijn leven tekenen. 
Maar een oproep om meer veiligheid en meer repressieve maatregelen, doet hij niet.
Als leden van een samenleving moeten we zorgen voor elkaar en juist van daaruit wordt aan onze basisbehoefte aan veiligheid het beste tegemoet gekomen, is de strekking van zijn verhaal.

Dus een pleidooi om aandacht te geven aan geborgenheid binnen de school als gemeenschap. Dat is immers waar we invloed op kunnen hebben; oog voor elkaar, steun voor wie dat nodig heeft, samen sterk staan wanneer er iets gebeurt en de erkenning van die, soms bijna niet te verdragen, kwetsbaarheid die we als mensen met elkaar delen.
Dan ligt er gelukkig nog altijd veel van wezenlijke waarde wèl in onze eigen handen.

Nieuwe reactie inzenden